Deze rechter ontdekte dat zij ruim 3000 per maand minder verdiende dan mannelijke collega's: 'Pijnlijk'

woensdag, 17 juni 2026 (11:45) - RTL Nieuws

In dit artikel:

Toen rechter Achouak el Idrissi ontdekte dat twee mannelijke collega’s haar inzage wilden geven in hun loonstroken, bleek waarom: bij hun aanstelling kregen zij maar liefst €3.061 per maand meer betaald dan zij, terwijl zij hetzelfde werk deden. Nadat het bestuur van de rechtbank Amsterdam naar haar klacht luisterde en “geen probleem” zag, stapte El Idrissi naar het College voor de Rechten van de Mens (CVRM). Dat college oordeelde dat de staat haar heeft gediscrimineerd op grond van geslacht — eenzelfde oordeel als bij minstens drie eerdere zaken.

Het CVRM wees er ook op dat, hoewel de salarissen van rechters in de wet zijn vastgelegd, er te veel ruimte bestaat om daarvan af te wijken. Die discretionaire bevoegdheden maken het mogelijk dat collega’s bij gelijke functie honderden tot duizenden euro’s per maand verschil krijgen. Voor El Idrissi is de zaak pijnlijk persoonlijk, maar ze erkent ook haar relatieve privileges als rechter: een vaste benoeming, juridische kennis en de mogelijkheid te procederen — voordelen die veel werknemers niet hebben.

De uitspraak van het CVRM is symbolisch sterk, maar juridisch niet bindend. Staat en Rechtspraak erkennen het oordeel niet automatisch, waardoor juridische procedures doorlopen moeten worden. Dat frustreert El Idrissi en haar medestanders; zij willen naast erkenning ook volledige compensatie voor de inkomensachterstand die zij door discriminatie hebben opgelopen. De Rechtspraak en het ministerie hebben de inschalingsregels inmiddels aangepast voor nieuwe rechters in opleiding: sinds 1 juli 2023 geldt betaling op basis van werkervaring in plaats van het laatstverdiende salaris. Het college en El Idrissi vinden die wijziging echter onvoldoende: er blijven afwijkingsmogelijkheden en de regeling geldt alleen voor nieuw aangestelde rechters, niet achteraf voor de al zittende rechters.

Een vaak genoemd bezwaar tegen een strikte gelijke beloning is dat de Rechtspraak mensen met verschillende achtergronden wil aantrekken — bijvoorbeeld ex-Zuidasadvocaten met hogere eerdere salarissen — maar El Idrissi wijst erop dat die redenering oneerlijk is tegenover rechters die juist jaren in laagbetaalde sociale advocatuur werkten. Ook baart het haar zorgen dat zij nu ervaren rechters opleidt terwijl rechters in opleiding soms meer verdienen dan zijzelf.

De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, Claudia van Bruggen, neemt het CVRM-oordeel serieus en heeft betrokkenen uitgenodigd om mee te praten over erkenning en compensatie. De Tweede Kamer heeft via een amendement €5 miljoen vrijgemaakt voor compensatie van gediscrimineerde vrouwelijke rechters en officieren van justitie, maar betrokkenen noemen dat bedrag ontoereikend: sommige collega’s zijn over een loopbaan heen tot circa €150.000 misgelopen.

De Raad voor de rechtspraak en de rechtbank Amsterdam zeggen het oordeel van het CVRM serieus te nemen en verwijzen naar de historische inschalingsafspraken (sinds de jaren ’90) tussen ministeries en organisaties. Zij benadrukken dat alleen de minister bevoegd is over collectieve financiële compensatie en dat lopende juridische procedures de situatie complex houden.

El Idrissi geeft aan door te zullen procederen zolang politieke en bestuurlijke stappen uitblijven. Ze hoopt dat de procedures niet alleen haar situatie rechtzetten, maar ook een signaal afgeven naar andere sectoren, zodat gelijke beloning minder een uitzondering maar de norm wordt.

BEKIJK OOK:

Het Oranje Café: Cameraman gaat naar de grond tijdens uitzending Het Oranje Café: 'Gaat het?!'