Deze huursoldaten bewaken Russische olietankers - en vertellen FTM hoe ze dat doen

dinsdag, 9 juni 2026 (06:08) - Follow the Money

In dit artikel:

In december stapt de 48‑jarige Nikolai, een ex‑soldaat uit een Russische elite-eenheid met 25 jaar beveiligingsachtergrond, in Egypte aan boord van de roestige olietanker Qendil. Twee dagen later wordt het schip getroffen door onheil (onder meer een drone‑aanval) en uiteindelijk loopt het na een tocht naar Turkije vast; sindsdien ligt het verwaarloosd in Tuzla, Istanbul. Nikolai is één van tientallen ingehuurde bewakers die de afgelopen jaren systematisch op tankers van de zogeheten Russische ‘schaduwvloot’ hebben gevaren.

Follow the Money (FTM) en een internationaal onderzoeksconsortium konden via gelekte documenten van Dossier Center 83 huurlingen traceren (bijna allemaal Russisch). De documenten bevatten bemanningslijsten van meer dan 2.000 schepen en tienduizenden persoonsgegevens. De onderzoekers identificeerden 65 tankers die beveiligingspersoneel meenamen; samen maakten die meer dan honderd reizen met olieladingen die in Russische Oostzeehavens werden geladen en via Europese wateren — grotendeels de Noordzee en het Suezkanaal/EGYPT‑route — naar raffinaderijen in India (vooral Vadinar en Jamnagar) voeren. Een deel van de vaarten ging naar China of Turkije.

Waarom deze bewakers? De schaduwvloot is een instrument om EU‑ en westerse sancties te omzeilen: schepen varen vaak onder valse vlag of met ondoorzichtige eigendomspatronen om olieverkopen te verbergen. Europese landen hebben veel van deze tankers de toegang tot hun havens en diensten verboden, maar die beperkingen gelden minder strikt op volle zee. Bewakers worden ingezet om bemanning en kapitein onder druk te zetten niet mee te werken met kustwachten of marines die in internationale wateren willen controleren — zo hoopt Rusland te voorkomen dat frauduleuze documenten worden ontdekt en schepen in beslag genomen.

De beveiliging aan boord is opvallend: veel mannen zijn veertigers of vijftigers met oorlogservaring in Syrië, Oekraïne of Afrika; meer dan zestig van de 83 onderzochte huurlingen hebben een achtergrond bij het Russische leger, veiligheidsdiensten of particuliere militaire bedrijven. Zestien waren eerder actief bij Wagner, vier bij PMC Redut. Europese inlichtingendiensten zien het optreden als een effectieve afschrikking: het vermoeden dat er gewapende of getrainde ex‑strijders aanwezig zijn, maakt het enteren risicovoller en wordt daarom vaak vermeden.

Aan boord fungeren de bewakers doorgaans met twee man in shifts, houden zij zicht op de brug en instrueren kapiteins over welke havens of controles vermeden moeten worden. Dat levert spanningen op met de reguliere, vaak Zuid‑Aziatische, bemanningen; zeelieden melden dat bewakers de kapitein soms pushen om risicovolle beslissingen te nemen. Het blijft onduidelijk in hoeverre de mannen daadwerkelijk routinematig vuurwapens bij zich dragen; sommige signalen wijzen daarop, andere getuigen ontkrachten het.

Sinds februari zijn er in de bemanningslijsten minder of geen bewakers meer terug te vinden. Mogelijke verklaringen: het afschrikkende effect is bereikt — Europese autoriteiten veronderstellen dat schepen mogelijk beveiligd zijn en blijven daarom terughoudend —, eigenaren kiezen vaker voor Russische kapiteins, of bewakers gebruiken valse identiteiten. Maar het vertrek van de huurlingen betekent niet dat de handel is gestopt: de schaduwvloot blijft cruciaal voor Russische olieinkomsten en daarmee voor de financiering van de oorlog in Oekraïne. Europese maritieme diensten zitten in een lastige positie tussen juridische mogelijkheden op zee en de veiligheidsrisico’s van confrontaties met getrainde ex‑militairen.

BEKIJK OOK:

De Oranjezomer: Econoom Jona van Loenen legt uit: waarom stijgen de benzineprijzen harder dan ze weer dalen?