Deze expert ziet een uitweg uit de polarisatie: „De middengroep is onze garantie op cohesie, op vrede"
In dit artikel:
Bart Brandsma, filosoof en polarisatie-expert, blikt terug op het afgelopen jaar en schetst waarom polarisatie een structureel en lastig te meten maatschappelijk fenomeen is — maar wel één dat grote effecten heeft op identiteit, vertrouwen en democratie. Zijn belangstelling begon persoonlijk na 2005 (na 9/11 en de moorden op Fortuyn en Van Gogh), toen hij merkte dat hij zonder aanleiding in een groep geplaatst werd. Dat leidde tot jarenlang onderzoek, reizen naar Noord-Ierland, Tanzania en Slowakije en twee boeken, het meest recente Meesterschap in Polarisatie (verschijnt vorig jaar).
Brandsma benadrukt dat polarisatie vooral in onze hoofden zit: het ontstaat zodra wij elkaar als “tegenstanders” gaan zien. Dat maakt het moeilijk om het met harde cijfers aan te tonen, maar het doet niet af aan de reikwijdte ervan. Polarisatie heeft ook een democratische kant: mobiliseren en uitdagen horen bij politiek handelen, maar zodra het wij-zij-denken de overhand krijgt, wordt de democratie bedreigd. Hij waarschuwt dat zowel links als rechts hiertoe in staat zijn; de diversiteits- en inclusiediscussies hebben volgens hem te vaak onbedoeld weerstand opgeroepen bij burgers die zich aan de rechterkant bevinden.
Centrale gedachte in Brandsma’s aanpak is het versterken van het midden. Hij onderscheidt vijf rollen in polarisatiedynamieken — pusher, joiner, bruggenbouwer, stil midden en zondebok — en introduceert een zesde positie: mensen die de verlangens en dilemma’s van het stille midden verwoorden. Die stem is volgens hem cruciaal om afglijden naar de uitersten te voorkomen. Praktische voorbeelden illusteren zijn punt: discussies over asiel en migratie voelen voor middelingen vaak als onoplosbare dilemma’s; wie hun zorgen wegwuift, verliest hun steun en voedt zo de polarisatie.
Brandsma pleit voor andere handelingsopties dan wederzijdse verhitting. In plaats van polarisatie met polarisatie te bestrijden, moeten professionals — burgemeesters, journalisten, politie, rechterlijke macht en beleidsmakers — getraind worden om polariserende signalen te herkennen en te vermijden, en vooral om verhalen te horen. Uitleg en feiten alleen zijn volgens hem vaak niet genoeg; wat telt is wie iets zegt, hoe je het zegt en of je betrouwbaar overkomt. Verhalen en ervaringsdeskundigheid werken beter dan louter analyses; “waarheid vertellen zonder te verdrinken in feiten” bereikt mensen vaker.
Concreet adviseert Brandsma:
- het midden aktiveren en opleiden zodat het duidelijke, empathische taal kan bieden zonder sympathie te verwarren met erkenning;
- instituties elkaar publiekelijk laten ondersteunen wanneer de geloofwaardigheid van één instituut onder vuur ligt (bijvoorbeeld RIVM), in plaats van stilzwijgen;
- media en journalisten inzetten als katalysator voor verbindende verhalen, niet als aanjager van conflict;
- professionals trainen in depolariserende communicatie en in het verwoorden van dilemma’s in plaats van stellige standpunten.
Hij erkent dat sommige maatschappelijke vraagstukken (klimaat, migratie) niet eenvoudig “opgelost” kunnen worden en dat het vaak langzaam en rommelig blijft. Toch ziet hij effect van zijn trainingen: organisaties die de middengroepen serieus nemen, houden mensen binnen het democratische spectrum. Brandsma sluit af met een voorzichtige hoop: polarisatie is niet onvermijdelijk; met aandacht voor ervaringsverhalen, betrouwbare communicatie en een krachtig midden kunnen samenlevingen minder kwetsbaar worden voor het wij-zij-denken.