Deze ex-cipier brengt mijn hoofd danig in beweging
In dit artikel:
Ester Naomi Perquin, bekend als prijswinnende dichter en voormalig cipier, presenteert met Tot alles in beweging komt een literaire eerste roman die haar gevangenisverleden en poëtische stem samenbrengt. Waar haar eerdere bundels (onder meer Celinspecties) de impact van het gevangeniswerk in verzen onderzochten, gebruikt ze nu de langere vorm om vragen over daderschap en slachtofferschap, macht, familie en een sluimerend geheim uit te diepen.
Het verhaal volgt Ela, een vrouwelijke ex-cipier die werkt aan een boek over ontsnappingspogingen en intussen zwanger is van haar eerste dochter na twee zoons. Haar persoonlijke geschiedenis — onder meer de vroegere ziekte en dood van haar vader — fungeert als een symbool voor de rollen waarin mensen gevangen kunnen zitten: gezin, relaties, ouderschap en professionele posities in een door mannen gedomineerde gevangeniscontext. Perquin laat via nauwkeurig geformuleerde zinnen en associatieve beschouwingen zien hoe het richten op het sensationele — de extreem tragische dossiers waar publiek op afgaat — andere verhalen en het eigen zelf wegleest.
De roman werkt als een soort zoeklicht: zij haalt subtiele, vaak over het hoofd geziene aspecten naar voren en dwingt zowel hoofdpersoon als lezer tot reflectie. De tekst is poëtisch van toon, heeft zijsprongen en contemplatieve passages die niet alles willen oplossen, maar uitnodigen tot nadenken over je eigen jeugd, eerdere relaties en je rol als ouder. Dat maakt het boek enerzijds intens meeslepend en invoelbaar, anderzijds minder geschikt voor wie een strak doorlopend plot verwacht.
Kortom: Tot alles in beweging komt is een geconcentreerde, lyrische roman die vraagt om aandacht en openheid. Lezers die bereid zijn zich te laten leiden door associative precisie in plaats van snelle antwoorden, vinden hier een rijk materiaal voor zelfonderzoek en empathie.