Deze artsen pleiten voor meer compassie voor mensen met obesitas: 'Niemand is dik voor de lol'
In dit artikel:
Prof. Liesbeth van Rossum en dr. Mariëtte Boon, beide werkzaam in het Centrum Gezond Gewicht van het Erasmus MC, hebben hun boek Vet Belangrijk grondig herzien: Vet Belangrijk 2.0 bundelt de nieuwste inzichten die sinds het eerste deel uit 2019 zijn opgedaan. Het boek is bijna twee keer zo dik en bedoeld zowel voor zorgverleners als voor patiënten en geïnteresseerden, zodat complexe kennis die in spreekkamers vaak te weinig aan bod komt, toegankelijk wordt gemaakt.
Belangrijkste inhoudelijke punten
- Vet is een voedend en hormonend orgaan, maar in teveel kan het chronisch ontstoken raken. Obesitas hangt samen met meer dan 200 aandoeningen, waaronder diabetes type 2, hart- en vaatziekten, dertien vormen van kanker, verslechterde infectieverlopen, gewrichts- en mentale problemen.
- Nieuw inzicht: spierkracht en spierkwaliteit zijn cruciaal voor metabole gezondheid. Veel mensen met obesitas hebben voldoende spiermassa maar te weinig kracht; extra krachttraining vermindert onder meer buikomvang en verbetert gezondheidsmarkers.
- Hormonen spelen een centrale rol. Stoornissen in eetlust- en vethormonen (zoals leptine en darmhormonen als GLP-1) kunnen leiden tot voortdurende honger en een verhoogde neiging tot gewichtstoename — een fenomeen dat de auteurs omschrijven als een constante eetdrang.
- Afvallen activeert meerdere tegenreacties (lagere verbranding door verlies van spiermassa, blijvende hongerinstelling, vetcellen die meer vet vasthouden, en een immuunsysteem dat niet helemaal terugkeert naar de situatie van iemand die altijd slank is geweest). Dit verklaart het jojo-effect.
Oorzaken en verborgen factoren
Voeding en beweging zijn belangrijk, maar niet de hele verklaring. De voedselomgeving veranderde sterk: ultrabewerkte producten domineren (naar schatting 80% van supermarktassortiment valt buiten de Schijf van Vijf) en kunnen verzadigingshormonen en het darmmicrobioom verstoren. Daarnaast spelen slaaptekort, stress, medicijnen met gewichtseffecten, hormonale verstoorders (bijv. microplastics) en erfelijkheid (40–70% van de variatie in lichaamsgewicht) een rol. De auteurs benadrukken dat genen de “wapen” laden, maar de omgeving de trekker overhaalt.
Behandeling, medicatie en preventie
Leefstijlinterventie (gezond eten, meer bewegen, slaap en ontspanning) blijft de aanbevolen eerste stap; gemiddeld levert zo’n aanpak ongeveer 5% gewichtsverlies op, met aanzienlijke gezondheidswinst. Bij onvoldoende effect komen chirurgische opties of medicatie (bijv. ozempic, saxenda, mysimba) in beeld. Van Rossum en Boon waarschuwen voor zelfgebruik van deze middelen en wijzen op bijwerkingen (maagdarmklachten, zelden pancreatitis of oogproblemen) en op het feit dat medicatie meestal langdurig nodig is: stoppen leidt vaak tot gewichtstoename. Een deel van de patiënten kan mogelijk later afbouwen, maar dat is niet voorspelbaar.
Praktische adviezen en maatschappelijke oproep
Om terugval te voorkomen is meer beweging nodig dan bij mensen zonder obesitas: richtlijn is 200–300 minuten per week plus twee keer per week krachttraining. Kleine gedragsstrategieën (bijv. fidgeting) kunnen helpen de rustverbranding te verhogen. De auteurs pleiten ook voor vroegere verwijzing naar zorg (gemiddelde doorverwijzing BMI 36 is te laat) en voor beleidsmaatregelen die de voedselomgeving gezonder maken (prijsprikkels, marketingregels, afstand tussen scholen en fastfood). Verder roepen ze op tot meer compassie en minder stigma richting mensen met obesitas; vaak gaat achter overgewicht verborgen leed schuil.
Vet Belangrijk 2.0 is nu verkrijgbaar en bevat praktische handvatten, achtergrondkennis en verwijzingen (zoals checkoorzakenovergewicht.nl) om oorzaken te onderzoeken en behandelingen te plannen.