NU+ | Defensie-expert Ko Colijn over vier jaar oorlog in Oekraïne
In dit artikel:
Defensie-expert Ko Colijn trekt na vier jaar oorlog in Oekraïne de balans: het conflict liep totaal anders dan veel waarnemers aanvankelijk verwachtten, en wie bij een datum wil stilstaan zou eerder 11 januari nemen — sindsdien is dit de langstdurende aaneengesloten oorlog voor Rusland sinds de achttiende eeuw. Het Russische grondoffensief is grotendeels vastgelopen: in het oosten is de terreinwinst de afgelopen twee jaar gemiddeld nog maar zo’n 30 meter per dag, een tempo dat feitelijk neerkomt op stilstand.
Al in eind 2021 signaleerden Amerikaanse inlichtingen een serieuze Russische opbouw, maar veel Europese beleidsmakers en deskundigen onderschatten de intensiteit van de dreiging. Scenario’s van een snelle verleniging en val van Kyiv gingen niet op; de oorlog ontwikkelde zich tot een uitputtingsslag.
Colijn haalt het werk van de Britse historicus Duncan Weldon aan om te verklaren waarom Oekraïne niet per definitie kansloos is: goed bestuur, solide infrastructuur en vooral efficiënte logistiek vormen een “vierde wapen” naast land-, lucht- en zeemacht. Historische voorbeelden — de beide wereldoorlogen, Vietnam en andere conflicten — tonen dat kleinere landen met sterke middelen en leveringsketens grote legers kunnen weerstaan en zelfs kunnen uitputten. Dat is de bron van hoop voor Kyiv.
Tegelijk zijn er reële zorgen. Financiering blijft onzeker: toen de Amerikaanse geldkraan onder Trump dichtging sprongen Europese landen bij, maar steun stokt door interne tegenwerking in bijvoorbeeld Hongarije en terughoudendheid in Slowakije. Binnen Nederland klinkt in het coalitieakkoord een voorzichtige formulering over hulp aan Oekraïne (“waar dat kan”), wat volgens Colijn kan duiden op oorlogsmoeheid in Den Haag. Ook signalen zoals het schrappen van een aparte Oekraïne-rubriek in een belangrijke Amerikaanse defensienieuwsbrief weerspiegelen dat verschuivingen plaatsvinden.
Een cruciale vraag is of de VS bereid zijn een soort veiligheidsgarantie te bieden na een eventuele wapenstilstand — een regeling die lijkt op NAVO’s Artikel 5 maar zonder grondtroepen en pas na Oekraïense verkiezingen. Dergelijke halfslachtige garanties stuiten op weerstand van landen als Finland, die alleen een harde, juridisch bindende garantie willen.
De menselijke en economische tol is enorm: bijna twee miljoen slachtoffers en naar schatting zo’n 500 miljard euro aan wederopbouwkosten in het komende decennium. Rusland leed grote verliezen maar houdt nog circa 19 procent van Oekraïne bezet. Critici zoals Michael Desch en ook politieke stemmen pleiten soms voor opgave, maar Oekraïne beschikt inmiddels over het vermogen om Rusland met drones en raketten pijn te doen, wat reden kan zijn voor doorzetten in plaats van capitulatie. Colijns slotimpuls is daarmee gemengd: strategische en logistieke factoren geven hoop, maar politieke steun en financiële continuïteit blijven doorslaggevend.