Defensie-expert Ko Colijn over de Groenlandse feiten die Trump niet wil zien
In dit artikel:
Defensie-expert Ko Colijn, die al vijftig jaar gewapende conflicten duidt, bekijkt de Amerikaanse ambitie rond Groenland kritisch en onderscheidt nuttige van misplaatste argumenten. Recent trok president Donald Trump wereldwijd aandacht met ideeën om Groenland in te lijven of er stevigere Amerikaanse zeggenschap over te krijgen. Op het WEF in Davos zei Trump dat er een raamwerk voor een deal klaarligt; tegelijk lijkt zijn inspanning te zijn afgezwakt — mede door felle reacties uit Europese hoofdsteden en zelfs dalende beurskoersen als gevolg van zijn uitspraken.
Volgens berichtgeving van The New York Times is er intern gesproken over een compromis waarbij Denemarken de VS soevereiniteit over kleine stukjes Groenland zou verlenen, gelijk aan de Britse enclaves op Cyprus. Minister-president Mark Rutte hield zich hierover opvallend stil; hij zei alleen dat soevereiniteit niet ter sprake was gekomen en dat er nog veel werk te doen is.
Colijn wijst erop dat veel van Trumps beweringen onnodig zijn: er bestaat sinds 1951 een verdrag tussen Denemarken en de VS dat Washington ruime vrijheid geeft Groenland voor veiligheidsdoeleinden te gebruiken. In een aanvullende samenwerkingsovereenkomst van 2004 is bovendien vastgelegd dat Thule (nu Pituffik Space Base) het aangewezen verdedigingsgebied op Groenland is en dat dit sinds 1955 onder NAVO-regels valt. Daarmee had Rutte Trump kunnen terugfluiten met juridische feiten in plaats van diplomatieke omzwervingen.
De belangrijkste drijfveer achter Amerikaanse interesse is strategisch: Trump wil Groenland inzetten voor een omvangrijk raket- en luchtverdedigingssysteem, het zogenoemde "Golden Dome" van naar schatting 175 miljard dollar, dat dreigingen vanuit de ruimte moet onderscheppen. Colijn benadrukt echter dat veel functies — moderne radarsystemen of detectiecapaciteit — ook vanuit Alaska of via modernisering van bestaande installaties in Thule kunnen worden ingevuld. Voor daadwerkelijke afweer door interceptors lijkt de VS sowieso eerder op ruimtegebaseerde oplossingen te vertrouwen, wat de noodzaak van Amerikaanse soevereiniteit over Groenland verder relativeert.
Kort samengevat: de discussie toont vooral geopolitieke symboliek en misplaatste retoriek; juridisch en technisch heeft Washington niet per se Groenland nodig, terwijl Europese diplomatie en economische signalen Trumps vooralsnog hebben doen terugschakelen.