Deense regeringspartij verliest zetels, maar wel de grootste na verkiezingen
In dit artikel:
In het Deense parlement (179 zetels) hebben de verkiezingen geleid tot een patstelling: het linkse ‘rode’ blok van premier Mette Frederiksen komt op 84 zetels, het rechtse ‘blauwe’ blok op 77 zetels; geen van beide behaalt de benodigde 90 zetels voor een meerderheid. De middenpartij De Gematigden van Lars Løkke Rasmussen kreeg 14 zetels en kan daarmee de formatie beslissend beïnvloeden. Verwacht wordt dat de coalitievorming weken zal duren.
Frederiksens sociaaldemocraten bleven de grootste partij met 38 zetels, maar leden flink verlies ten opzichte van vier jaar geleden (50 zetels). Frederiksen zei bereid te zijn opnieuw verantwoordelijkheid te nemen, maar waarschuwde dat het “moeilijk zal worden”. De huidige coalitie bestond uit sociaaldemocraten, De Gematigden en de liberale partij Venstre; de leider van Venstre heeft al aangegeven niet opnieuw met Frederiksen te willen samenwerken.
De campagne werd sterk beïnvloed door geopolitieke thema’s en binnenlandse zorgen: Frederiksen versterkte haar reputatie tijdens de ruzie over Groenland met de VS en hamerde op duidelijke uitspraken zoals “Groenland is niet te koop” en dat “Rusland mag niet winnen”. Tegelijk maakte de kiezers zich zorgen over stijgende kosten van levensonderhoud en migratie, onderwerpen waar de rechts-populistische Deense Volkspartij onder Morten Messerschmidt van profiteerde en winst boekte. De uitslag zet Denemarken aan tot lastige onderhandelingen tussen meerdere partijen om tot een stabiele regering te komen.