Deense premier Frederiksen houdt ook met nieuwe coalitie vast aan strikt migratiebeleid en verzet tegen Trump
In dit artikel:
Mette Frederiksen heeft na een recordlange onderhandelingsperiode van 69 dagen een nieuwe centrumlinkse coalitie gevormd in Denemarken. Haar sociaaldemocratische partij blijft de grootste, maar leed bij de parlementsverkiezingen in maart een flinke nederlaag: van 50 naar 38 zetels in het 179 zetels tellende parlement. Frederiksen begon maandag het informele akkoord te melden aan koning Frederik en zei vervolgens: „We leven in het beste land ter wereld.”
De regering bestaat uit vier partijen (sociaal-democraten, twee andere linkse partijen en de sociaalliberale Gematigden) die samen 82 zetels hebben — een minderheidskabinet dat afhankelijk is van gedoogsteun, vooral van de uiterst linkse Rood-Groenen. Eerdere pogingen om een kabinet te vormen, zowel door Frederiksen zelf als door de liberale Lars Løkke Rasmussen, mislukten voordat dit akkoord werd bereikt. Als Frederiksen haar derde termijn uitzit, wordt ze de langstzittende Deense premier sinds de Tweede Wereldoorlog.
Dinsdag presenteerden de vier partijleiders hun beleidsagenda. Centraal staan maatregelen tegen inflatie en stijgende kosten van levensonderhoud en een versterking van de sociale zekerheid. Voorwaardelijk op steun van de Rood-Groenen is onder meer afgesproken dat alle burgers binnen tien jaar recht krijgen op gratis tandheelkundige zorg. De linkse eis omvat bovendien voorstellen zoals gratis openbaar vervoer voor jongeren onder 22 en het schrappen van btw op groente en fruit, volgens de Rood-Groenen.
Tegelijk blijft het kabinet vasthouden aan eerder aangekondigde verscherpingen van het migratiebeleid en aan versterking van de Deense defensie. Kopenhagen benadrukt ook zijn verzet tegen Amerikaanse plannen rond Groenland: na eerdere suggesties van president Trump over overname of versterkte Amerikaanse aanwezigheid, wil Denemarken de soevereiniteit en veiligheid van het strategisch gelegen eiland blijven beschermen. Amerikaanse media melden dat Washington in stilte inzet op een uitbreiding en modernisering van militaire faciliteiten op Groenland, inclusief extra bases en havens — een ontwikkeling die de relaties binnen NAVO-kringen heeft opgeschud.