Debat over uitkeringen brengt polderdeal nog niet dichterbij: 'Het kabinet zal moeten kiezen'
In dit artikel:
Na een daglang debat in de Tweede Kamer is er geen stap gezet naar een akkoord over de ongeveer 6 miljard euro bezuinigingen op de sociale zekerheid. Het debat op donderdag in Den Haag bevestigde vooral dat de patstelling tussen vakbonden en kabinet blijft bestaan en dat de polderoverleggen nog geen doorbraak hebben opgeleverd.
Verschil met eerdere debatten was dat de coalitiepartijen deze keer de gelederen gesloten hielden; eerdere interne kritiek (onder meer van CDA en D66 op onderdelen als het maximum dagloon en de korting bij zwangerschapsverlof) bleef nu uit. De coalitie zegt open te staan voor verdere gesprekken in de polder zonder vooraf taboes, maar houdt zich de optie voor om later het financiële plaatje te heroverwegen.
De grootste scheidslijn ligt bij de vraag met wie het minderheidskabinet wil samenwerken. VVD en GroenLinks-partijleider Klaver botsen scherp over de financiering: Klaver pleit voor het schrappen van de bezuinigingen en voor extra opbrengsten bij de rijken, terwijl VVD-Kamerleden vrezen dat de lasten vooral bij gewone huishoudens terechtkomen. D66 probeerde Klaver aan een positieve, haalbare agenda te binden, maar die eiste in reactie een volledig schrappen van de besparingen — tot ergernis bij D66, dat waarschuwt dat een absolute eis het overleg alleen maar blokkeert.
Tegelijkertijd profileren JA21 en SGP zich als meer constructieve partners voor concrete, goedkopere aanpassingen: zij beperken zich grotendeels tot voorstellen als verlaging van het maximum dagloon en kortere loondoorbetaling bij ziekte, wat vooral MKB’ers zou ontlasten. JA21 sluit belastingverhogingen uit en plaatst daarmee een helder alternatief tegenover Klavers koers; volgens JA21 betekent een keuze naar links automatisch een samenwerking zonder hen. Voor een meerderheid in de senaat blijft geen van beide routes echter toereikend.
Kortom: inhoudelijk weinig nieuws, wél duidelijke keuzes over samenwerkingspartners en een aanhoudende impasse die het kabinet dwingt te beslissen met wie het wil onderhandelen.