Debat over conversietherapie: „durven mentor en dominee straks nog vrijuit te spreken?"

woensdag, 3 juni 2026 (07:38) - Reformatorisch Dagblad

In dit artikel:

In de Eerste Kamer vond dinsdag een fel debat plaats over een initiatiefwet van VVD, D66, GroenLinks-PvdA, SP en Partij voor de Dieren die het uitvoeren van zogenaamde conversietherapie wil verbieden. De wet stelt strafbaar het stelselmatig of op indringende wijze verrichten van handelingen met het doel iemands seksuele gerichtheid of genderidentiteit te veranderen of te onderdrukken. Tijdens het debat zat slachtoffer Jacques Zonne in de publieke tribune; zijn getuigenis over dwang, duiveluitdrijving en jarenlange nasleep werd door tegenstanders van conversietherapie als illustratie gebruikt waarom een verbod nodig is.

Initiatiefnemers benadrukken dat pastorale gesprekken over homoseksualiteit in principe niet onder het verbod vallen en dat scholen de vrijheid houden om vanuit hun levensbeschouwing les te geven. Tegelijk zeiden zij dat de godsdienstvrijheid door het verbod nauwer wordt afgebakend, waardoor kerkelijke organisaties nu moeten afwegen wat zij wel of niet tegen jongeren mogen zeggen over gender en seksualiteit.

Tegenstanders, met name SGP-senator Peter Schalk, vreesden dat vage termen als “indringend”, “stelselmatig” en “onderdrukken” hulpverleners, leraren en predikanten zouden kunnen weerhouden om jongeren te begeleiden uit angst voor strafrechtelijke consequenties. Partij voor de Dieren-senator Peter Nicolai vroeg zich af of ook informele samenwerkingen van ouders of buren onder de strafbepaling kunnen vallen; D66-Tweede Kamerlid Wieke Paulusma antwoordde dat de wet primair ziet op personen die namens een organisatie of geloofsgemeenschap handelen, maar dat ook uitvoeringen door vertegenwoordigers van zo’n gemeenschap onder de regeling kunnen vallen als ze systematisch en indringend zijn.

Binnen enkele weken wordt over het wetsvoorstel gestemd; de initiatiefnemers verwachten voldoende steun van meerdere fracties, en ook het CDA neigt naar instemming. De politieke discussie spitst zich toe op de afweging tussen bescherming van jongeren tegen schadelijke praktijken en het vrijwaren van religieuze en pedagogische vrijheid.