De verloren Amerikaanse droom van migranten die het land niet meer in komen, maar ook niet meer terug kunnen

donderdag, 1 januari 2026 (14:12) - NRC Handelsblad

In dit artikel:

Sarahi en Ulises, een stel uit San Pedro Sula (Honduras), verlieten hun thuis op 15 oktober 2023 nadat een bende probeerde Ulises en zijn oudste kinderen te rekruteren en hen zelfs met een pistool bedreigde. Sarahi, moeder van vijf kinderen, verkocht eerder eten vanuit huis; Ulises runde een buurtwinkel. Nu zorgen ze samen voor het hele gezin en zochten ze bescherming richting de Verenigde Staten, waar familie woont.

In Mexico-Stad belandden ze eerst in een opvang voor daklozen met strikte regels, waarna ze maanden in een vluchtelingenkamp bij het spoor verbleven. Hun onderkomen is een zelfgemaakte hut van hout, plastic panelen en pallets; zo’n huisje wordt vaak onderling overgedragen, omdat autoriteiten leegstaande constructies slopen. Het kamp biedt weinig veiligheid: bewoners worden bestolen, omgekocht of gedwongen, en lokale kartels en jonge overvallers brengen geweld. Het gezin zelf heeft meerdere keren geld moeten betalen en is beroofd van telefoons en bezittingen.

Basisvoorzieningen ontbreken: geen stromend water, elektriciteit wordt illegaal afgetapt en toiletten moeten in een supermarkt worden gebruikt. Om te overleven verkochten ze in het begin zelfgemaakte sapjes bij verkeerslichten; nu werkt Ulises wisselend in de bouw en als meubelbezorger, terwijl de jongens auto-ruitjes wassen. Sarahi kampt met gezondheidsproblemen en kan niet meer werken. Financiële middelen ontbreken om de geplande reis naar de VS voort te zetten; in plaats daarvan hopen ze naar Monterrey te gaan, waar een neef woont, maar ontbreken de middelen voor die verplaatsing.

Het gezin leeft van dag tot dag en baseert veel hoop op hun christelijk geloof. Ze zitten gevangen in een onzekere tussenfase: veiligere mogelijkheden bestaan, maar zijn financieel en politiek moeilijk bereikbaar voor migranten in soortgelijke omstandigheden.