De toename van CO2 maakt gewassen minder voedzaam: 'Klimaatverandering ligt al op ons bord'
In dit artikel:
Door de stijgende CO₂-concentratie in de atmosfeer leveren veel gewassen niet alleen meer calorieën, maar ook minder eiwitten, ijzer, zink en andere belangrijke voedingsstoffen. Dat blijkt uit een analyse van 109 eerdere onderzoeken door wetenschappers van de Universiteit Leiden. Zij bekeken experimenten in laboratoria, kassen en landbouwvelden naar de invloed van verschillende CO₂-niveaus op planten.
De afname is bij veel gewassen enkele procenten. Zo bevatten pinda’s inmiddels ongeveer 2 procent minder eiwit en bijna 6 procent minder koper. Ook paprika’s, rijst, tarwe, soja, erwten en tomaten verliezen voedingsstoffen, waaronder ijzer. Dat lijkt beperkt, maar kan grote gevolgen hebben voor mensen die grotendeels afhankelijk zijn van enkele basisproducten. Wereldwijd heeft volgens de WHO 40 procent van de jonge kinderen en 37 procent van de zwangere vrouwen bloedarmoede, vaak door ijzergebrek.
Als eetpatronen en productie niet veranderen, kunnen in 2050 ongeveer 1,4 miljard kinderen en vrouwen in landen met veel ijzertekorten wonen. Daarnaast lopen 138 miljoen mensen, vooral in Afrika en Zuid-Azië, een groter risico op zinktekort. Naar schatting krijgen 148 miljoen mensen dan onvoldoende eiwit binnen. In Nederland komt ijzertekort eveneens veel voor, vooral onder vrouwen.
De onderzoekers reconstrueerden wat er gebeurt als het CO₂-gehalte stijgt van 350 naar 550 parts per million. Dat laatste niveau kan volgens hen binnen dertig tot vijftig jaar worden bereikt. Bij zo’n stijging dalen de gehaltes aan eiwit, ijzer en zink gemiddeld met ongeveer 6 procent; in kikkererwten kan de hoeveelheid zink tot 37 procent lager uitvallen dan ongeveer zestig jaar geleden. Het huidige niveau ligt al rond 428 ppm, waardoor een deel van het effect volgens de onderzoekers nu al merkbaar is.
Extra CO₂ versnelt de plantengroei, maar zorgt er ook voor dat planten relatief meer koolhydraten aanmaken. Daardoor stijgt de hoeveelheid energie terwijl de voedingswaarde niet evenredig toeneemt. Meer eten is daarom geen goede oplossing, zeker omdat veel mensen al te veel calorieën binnenkrijgen. De onderzoekers en externe deskundigen pleiten vooral voor een gevarieerder dieet en meer diversiteit op landbouwgrond. Naast rijst, maïs en tarwe zouden onder meer lupine, lokale bladgroenten, peulvruchten en vingergierst een grotere rol kunnen krijgen. Zulke gewassen zijn vaak voedzamer en mogelijk beter bestand tegen klimaatverandering.
Ook veredeling, verbetering van de bodem en verrijking van planten kunnen helpen. Onderzoekers kunnen bijvoorbeeld rassen selecteren die meer voedingsstoffen bevatten, de bodem aanpassen of zaden en gewassen zo ontwikkelen dat ze voedingsstoffen beter opnemen. Supplementen en verrijkte gewassen worden in verschillende lage- en middeninkomenslanden al gebruikt.
De precieze reden waarom sommige gewassen sterker reageren dan andere is nog niet duidelijk. Dat maakt het moeilijker om gericht voedzamere rassen te ontwikkelen. Volgens de betrokken wetenschappers blijft het terugdringen van de CO₂-uitstoot de belangrijkste maatregel. Als de concentratie stabiliseert, kan verdere achteruitgang van de voedingskwaliteit mogelijk worden voorkomen.
Vandaag Inside: Johan Derksen trekt uitnodiging voor potentiële Vandaag Inside-tafelgast in: 'Het is een mietje'