De Tegel die een journalistieke struikelsteen zou moeten zijn
In dit artikel:
Tim Hofman (BOOS) samen met redacteuren van Investico en het Nederlands Dagblad kreeg een Tegel in de categorie Onderzoek voor een reportage die betoogde dat de organisatie Christenen voor Israël (CvI) bijdraagt aan de bezetting op de Westoever. De schrijver van dit stuk reageert fel: hij vindt de prijs een probleem omdat de reportage volgens hem op zwakke aannames steunt, teveel vanuit een ideologische bril is gemaakt en geen doorslaggevend bewijs levert.
De Tegels worden gezien als een belangrijke journalistieke onderscheiding, maar zijn ook onderdeel van een gesloten medialandschap waar zichzelf inzenden en onderlinge erkenning gebruikelijk zijn. De criticus merkt op dat veel ‘prijzen’ vooral een netwerkfunctie hebben en onvoldoende betekenen buiten dat veld; tegelijkertijd waarschuwt hij dat een Tegel de indruk van objectieve waarachtigheid versterkt, ook wanneer de bevindingen twijfelachtig zijn.
Concreet kritiekpunt: de BOOS/Investico-reportage uit maart 2025 zou CvI rechtstreeks in verband hebben gebracht met het financieren of ondersteunen van illegale nederzettingen, maar die claim valt volgens de criticus niet te harden. Zijn eigen onderzoek ter plaatse — hij bezocht Revava en sprak met betrokkenen tijdens een rondreis door Israël kort na de publicatie — leverde nuance en tegenbewijs op. Zo vond hij geen overtuigend bewijs dat CvI structureel illegale nederzettingen financiert, en stelt hij dat Revava niet per definitie als “illegale nederzetting” te kwalificeren is. De oorspronkelijke aantijgingen zouden zich bovendien vooral op één locatie concentreren, niet op een breed nederzettingsnetwerk zoals de reportage soms suggereert.
De criticus benadrukt dat hij niet pretendeert CvI te zuiveren van alle blaam, maar dat de reportage feiten en context wegliet waardoor het eerder als opinie dan als rigoureus onderzoekswerk beoordeeld zou moeten worden. Hij wijst ook op concrete schadelijke gevolgen van de reportage: na de uitzending nam de intimidatie van CvI-leden toe. Hij noemt incidenten in april en mei 2025 — een heftige belaging in Zaltbommel waarbij ds. Oscar Lohuis bijna slachtoffer werd van geweld, en een bedreigende situatie rond een lezing in Barneveld — en verwijst naar passieve of laconieke politierespons. Volgens hem versterkten sociale media en sympathisanten van BOOS de acties tegen CvI door de reportage als legitimatie te zien.
Daarnaast hekelt de schrijver een culturele ontwikkeling binnen de omroepwereld: BOOS en Tim Hofman zouden steeds meer vanuit een ideologische, aansprekende stijl opereren, waarbij populariteit soms boven zorgvuldigheid lijkt te worden geplaatst. Wie een groot publiek weet te mobiliseren kan, zo waarschuwt hij, schijnbare consensus creëren en onvaste beweringen laten lijken alsof ze bewezen zijn — iets wat door een Tegel alleen maar wordt versterkt.
Tot slot maakt hij de brug tussen de harde realiteit en symboliek: terwijl het pand van CvI in Nijkerk na bedreigingen extra beveiliging nodig heeft, prijst de journalistieke elite het onderzoek dat diezelfde organisatie in diskrediet kan brengen. Zijn oproep is niet om journalistieke prijzen per se te haten, maar om kritisch te zijn op hoe die prijzen werken: ze kunnen twijfelachtige producties epigoniseren tot gezaghebbende waarheden, met concrete gevolgen voor mensen en organisaties die in het publieke debat betrokken zijn.
Het Oranje Café: Videobellen met WK-held Eloy Room: wat zei Willem-Alexander in de kleedkamer van Curaçao?