De stemming in de Eerste Kamer over het asielbeleid lost nauwelijks iets op | DVHN-commentaar
In dit artikel:
CDA-minister Bart van den Brink verscheen tevreden na de stemming in de Eerste Kamer, maar het parlement trok met een nipte meerderheid de stekker uit de voorgestelde asielnoodwet. Daardoor vervallen onder meer plannen om illegaal verblijf te criminaliseren en om hulp aan uitgeprocedeerden zwaarder te bestraffen — maatregelen waar maatschappelijke organisaties, kerken en gemeenten fel tegen waren omdat ze juridisch kwetsbaar, praktisch onuitvoerbaar en strijdig met medemenselijkheid zouden zijn.
Tegelijkertijd ging wél een nieuw tweestatusstelsel door: vluchtelingen die vertrekken vanwege oorlog krijgen andere rechten dan mensen die asiel zoeken om religie, politieke overtuiging of seksuele geaardheid. Critici vrezen dat dit onderscheid het uitvoeren van het asielbeleid juist complexer maakt. Binnenkort treedt mogelijk ook het Europese Migratie- en Asielpact in werking, waardoor de regels opnieuw kunnen veranderen en extra juridische procedures te verwachten zijn.
Praktisch verandert er weinig aan de bestaande knelpunten: opvanglocaties blijven vol, doorstroom stokt en noodlocaties blijven nodig. Een tijdelijke daling van aanmeldingen ligt in het verschiet doordat screenings langer kunnen duren, maar structurele oplossingen voor plaatsen als Ter Apel of veiligheidsgevoelens rond stations zoals in Emmen ontbreken. Politiek is er dus een besluit genomen, maar voor veel betrokkenen leidt het vooral tot meer verwarring en weinig opluchting.