De Rutte-doctrine bij de NAVO: snel en soepel, maar ook geheimzinnig
In dit artikel:
Mark Rutte, sinds oktober 2024 secretaris‑generaal van de NAVO, voert een informele, directieve bestuursstijl door die sterk verschilt van de meer procedurele aanpak van zijn voorganger Jens Stoltenberg. Waar Stoltenberg vooral via formele kanalen en uitgebreide rapportages werkte, kiest Rutte voor korte, toegankelijke documenten, veel persoonlijke ontmoetingen met defensiebedrijven en minder nadruk op interne toezichtinstrumenten.
In de zomer van 2025 illustreerden zijn handelscontacten deze werkwijze: in juli was hij keynotespreker op het Airbus-top in Toulouse en nam hij deel aan gesloten gesprekken en een fabriekstour; eind augustus bezocht hij de Rheinmetall‑munitiefabriek in Duitsland. Dergelijke ontmoetingen wekken volgens critici de indruk van bevoorrechte toegang tussen NAVO‑leiding en wapenproducenten, zonder dat er altijd heldere waarborgen of verantwoording zijn.
Die zorgen krijgen extra lading door een corruptiezaak binnen het NAVO‑aanbestedingshuis NSPA. In mei 2025 werden medewerkers aangehouden wegens het lekken van vertrouwelijke aanbestedingsinformatie in ruil voor steekpenningen; enkele maanden later, in juli, lieten de Verenigde Staten de aanklachten tegen vier betrokkenen vallen. De NAVO meldt dat in oktober een taskforce is opgericht, maar concrete acties blijven vooralsnog beperkt zichtbaar. Bronnen binnen de organisatie waarschuwen dat corruptie binnen de NSPA een hardnekkig probleem is en dat krachtiger maatregelen nodig zijn.
Tegelijkertijd groeit de druk op de NAVO door fors oplopende defensiebudgetten en een explosie aan aanbestedingen. De NSPA rondde in november–december een veelvoud aan contractprocedures af vergeleken met eerdere jaren; het beheerde budget steeg met 28 procent (van 7,4 naar 9,5 miljard euro). Dat hogere tempo en complexere inkoop (van reserveonderdelen tot Patriot‑componenten en anti‑droneapparatuur) vergroten het risico op fouten en belangenverstrengeling, zegt RAND Europe‑onderzoeker Lucia Retter: overheden neigen naar bekende leveranciers als tijd schaars is, wat de concurrentie en controle ondermijnt.
Parallel daaraan is het interne toezicht onder Rutte naar de achtergrond geraakt. Het hoofdstuk over de Internal Oversight Service — verantwoordelijk voor audit, risicomanagement, ethiek en anti‑fraude — verdween uit zijn eerste jaarrapport. Ook sneed Rutte standaardformuleringen weg die aangaven dat lidstaten instemmen met de aanbevelingen van de NAVO‑rekenkamer; voortaan wordt alleen vermeld dat lidstaten “kennis hebben genomen”. Die verschuiving, gecombineerd met veel kortere communiqués na topbijeenkomsten, zorgt voor een krimp van het publieke archief juist op het moment dat burgers en parlementen meer transparantie vragen.
De NAVO‑rekenkamer luidt alarm: in 2023 verdubbelde het aantal gevallen waarin geld niet volgens de regels werd besteed en steeg het aantal onderdelen dat jaarrekeningen moest herzien sterk. Het aantal aanbevelingen nam toe (98 in 2023), en auditors signaleren een gebrek aan deskundig financieel personeel en een gebrekkige vastlegging van uitgaven. Accountants blijken bovendien vaak coulance te verlenen bij late herindieningen, omdat anders een sterke toename van negatieve bevindingen zichtbaar zou worden — een praktijk die onder waakhonden en transparantieorganisaties op bezorgdheid stuit.
Transparency International waarschuwt dat deze combinatie van meer middelen, snellere inkoop en minder openbaar toezicht de kans op misstappen vergroot. Critici wijzen erop dat Ruttes pragmatische, informele benadering weliswaar efficiency en politieke focus moet opleveren, maar ten koste kan gaan van checks and balances en het publieke vertrouwen. Analogieën met eerdere dossiers — waarin beleidskeuzes achter de schermen afweken van publieke beloften — versterken die zorgen.
De NAVO verdedigt de koers als doelbewust: compactere en meer gerichte rapporten zouden beter passen bij actuele veiligheidsuitdagingen en er wordt volgens de organisatie geïnvesteerd in financiële automatisering. Maar waarnemers en interne bronnen benadrukken dat automatisering alleen geen substituut is voor robuuste procedures, onafhankelijk toezicht en open verantwoording.
FTM volgt de ontwikkelingen omdat miljarden aan defensiemiddelen worden besteed: de combinatie van snelgroeiende budgetten, toenemende inkoopdruk en verzwakt intern toezicht maakt zorgvuldig toezicht en transparantie des te belangrijker voor het voorkomen van corruptie en het waarborgen van publieke controle.