De Russen willen terug naar de Biënnale in Venetië en veroorzaken zo grote verdeeldheid
In dit artikel:
Rusland wil na afwezigheid opnieuw deelnemen aan de Biënnale van Venetië (2024), wat in Europa tot felle tegenreacties leidt. De wereldtentoonstelling voor moderne kunst, die dit jaar 99 landen telt, kent in Venetië een eigen Russisch paviljoen; Moskou wil dat paviljoen heropenen met een performance genaamd De boom is geworteld in de lucht. Na de inval in Oekraïne trokken Russische kunstenaars zich in 2022 terug en in 2024 werd het gebouw tijdelijk aan Bolivia verhuurd, maar nu is herstel van deelname aangekondigd.
Meer dan twintig Europese landen, samen met Oekraïne en de Europese Commissie, dringen er bij de organiserende stichting La Biennale di Venezia op aan Rusland uit te sluiten. Zij wijzen erop dat Rusland nog onder Europese en internationale sancties valt en vrezen dat deelname wordt gebruikt om internationale legitimiteit en acceptatie te tonen. Ook bestaat bezorgdheid dat deelnemende kunstenaars banden hebben met de Russische politieke elite. De Europese Commissie heeft gedreigd een subsidie van twee miljoen euro aan de Biënnale op te schorten als Rusland meedoet en benadrukt dat de huidige Russische politiek niet strookt met Europese waarden als vrije meningsuiting en democratie.
De directeur van La Biennale, Pietrangelo Buttafuoco, verzet zich tegen uitsluiting en ziet de manifestatie als een neutrale culturele ontmoetingsplaats; hij noemt censuur een verkeerd instrument. De Italiaanse minister van Cultuur, Alessandro Giuli, probeert Buttafuoco echter te overtuigen en laat nagaan of deelname in strijd is met sanctieregels. De kwestie veroorzaakt ook spanningen in de Italiaanse regering: premier Giorgia Meloni steunt Oekraïne, terwijl vicepremier Matteo Salvini kritiek heeft op uitsluiting en pleit voor cultuur als verbindende factor. De uitkomst kan gevolgen hebben voor zowel de reputatie van de Biënnale als voor Europese culturele samenwerking en financiering.