De politieke protesten van Gen Z'ers over de hele wereld bieden hoop voor het nieuwe jaar

zondag, 4 januari 2026 (09:29) - De Groene Amsterdammer

In dit artikel:

Wereldwijd trekken jongeren steeds vaker massaal de straat op, met duidelijke en uitvoerbare eisen: banen, betaalbare levensonderhoud, harde aanpak van corruptie en serieuze klimaatactie. Dit patroon, beschreven in een artikel van 4 januari 2026, manifesteert zich van Zuid-Azië en Afrika tot Latijns‑Amerika en wordt vooral gedragen door Generatie Z, die sociale media inzet om te organiseren en informatie te verspreiden.

Concrete voorbeelden illustreren de omvang en het effect van die opstand. In Nepal leidde het verbod op tientallen sociale‑mediaaccounts — die de luxueuze levensstijl van politici’s kinderen blootlegden — tot massale tienerprotesten. Toen de premier de jongeren bespotte en veiligheidstroepen het vuur openden, vielen minstens negentien doden en vielen honderden gewonden; het parlement werd in brand gestoken en premier K.P. Sharma Oli trad kort daarna af. De golf van onrust sluit aan bij eerdere opstanden zoals Sri Lanka (2022), waar een economische ineenstorting en tekorten jongeren ertoe brachten de presidentiële residentie te bestormen, waarna president Gotabaya Rajapaksa het land ontvluchtte.

Vergelijkbare dynamieken speelden zich af in Bangladesh, waar een harde repressie van studentenprotesten tegen discriminerende werkquota — inclusief blokkades van telecommunicatie en dodelijk politieoptreden — leidde tot een bredere beweging en het vertrek van premier Sheikh Hasina. In Kenia veroorzaakten voorgestelde belastingverhogingen van president William Ruto landelijke protesten; politiegeweld en het bestormen van het parlement dwongen hem tot intrekken van de plannen en een kabinetsherschikking. In Peru escaleerden protesten tegen pensioenhervormingen tot een brede verontwaardiging over economische onzekerheid en corruptie, met uiteindelijk het vertrek van president Dina Boluarte, die onder verdenking van omkoping stond.

Hoewel de reacties van autoriteiten vaak repressief zijn, loeien de protesten juist aan en weten demonstranten snel brede maatschappelijke steun te winnen. Wanneer regeringen sociale platforms afsluiten, verplaatsen activisten zich naar versleutelde diensten en zelfs online gamegemeenschappen. De bewegingen zijn niet anti‑systeem in abstracto: ze stellen pragmatische eisen waarvoor beleidsoplossingen bestaan.

Voorbeelden van haalbare maatregelen worden in het artikel aangehaald. De EU‑Youth Guarantee illustreert dat gerichte overheidsinspanningen jeugdwerkloosheid kunnen terugdringen: landen als Portugal, Ierland, Griekenland en Spanje zagen het percentage werkloze 15‑ tot 24‑jarigen de afgelopen tien jaar substantieel dalen (bijvoorbeeld Portugal van 34,7% in 2014 naar 18,3% in oktober 2025). Dit programma verplicht staten jongeren binnen vier maanden na school of baanverlies een concrete opvolging te bieden, zoals werk, stage of scholing.

Corruptiebestrijding vergt institutionele hervormingen: goedbetaalde en professionele ambtenaren, sterke controles en audits, politieke verantwoording en digitale overheidssystemen die fraude bemoeilijken. Praktische voorbeelden zijn Rwanda (digitaal aanbestedingssysteem) en Georgië (volledige elektronische aanbestedingen) die de ruimte voor corruptie terugdrongen. Cruciaal blijven transparantie, bescherming van klokkenluiders en toegankelijke anticorruptiedatabases; ook het bedrijfsleven moet medeverantwoordelijk handelen.

Klimaatbeleid raakt jongeren direct en gaat behalve om kostenbesparing ook om toekomstperspectief. Technologische trends zijn in hun voordeel: grootschalige zonne-energie werd tussen 2010 en 2020 ongeveer 85% goedkoper, accuopslag verloor in die periode ruim 90% van de kostprijs. Opschaling vraagt wel substantiële investeringen in netten en opslag, maar verlaagt tegelijk de afhankelijkheid van volatiele fossiele brandstoffen en internationale schokken.

Kortom: de wereldwijde jeugdoproer van 2025–2026 dwingt leiders een keuze: meebewegen met realistische, concrete hervormingen — banenprogramma’s, anticorruptiemaatregelen en investeringen in schone energie en infrastructuur — of het politieke risico lopen door een afkeerwekkend beleid vervangen te worden. De geschiedenis toont dat verandering mogelijk is wanneer er politieke wil en doelgerichte politiek achter zitten.