De Pokémon-gekte leert ons veel over de toestand van de wereld
In dit artikel:
In februari 2026 is een zeldzame Pikachu Illustrator-kaart voor ongeveer 14 miljoen euro geveild, het hoogste bedrag ooit betaald voor een ruilkaart. Het exemplaar is één van slechts veertig gemaakte en wordt gezien als het beste bewaarde stuk; verkoper was influencer Logan Paul, koper AJ Scaramucci — zoon van investeerder en voormalig Goldman Sachs-medewerker Anthony Scaramucci. De transactie trok aandacht niet alleen vanwege het recordbedrag, maar ook vanwege wat het zegt over geld, smaak en risico’s in de huidige economie.
De verkoop valt samen met het dertigjarig bestaan van Pokémon en met een heropleving van verzamelkoorts die begon tijdens de coronapandemie: volwassenen, vaak met draagkracht en tijd, herontdekten hun jeugdhobby. Die vraag heeft schaarste en prijzen opgedreven; winkels leggen limieten op (bijvoorbeeld maximaal zes pakjes per klant) om te voorkomen dat speculanten de voorraad leegkopen. De handel trekt vooral beleggers en internetberoemdheden aan die snel rendement zoeken in plaats van een regulier beroep na te streven, aldus de observatie in het stuk.
Economisch gezien functioneert de kaart als een alternatieve belegging: wie twintig jaar geleden in Pokémon-kaarten investeerde, boekte volgens The Wall Street Journal enorme rendementen. Dat trekt kopers naar andere verzamelseries zoals One Piece en Magic: The Gathering en voedt discussies in financiële media over kaarten als onderdeel van een beleggingsportefeuille. De auteur waarschuwt echter dat zulke hypes kwetsbaar zijn: het vorige record voor een ruilkaart stamt uit 2007, vlak voor de financiële crisis van 2008. Toen ook ontstond een sterke kloof tussen markwaarde en gebruikswaarde van objecten — een patroon dat kan terugkeren als de belangstelling wegvalt, met massale waardedaling als mogelijk gevolg (vergelijkbaar met de nasleep van de NFT-hype).
Als klein comfort wijst het artikel erop dat Pokémon-kaarten wél een praktische gebruikswaarde behouden: je kunt er nog een potje mee spelen, in tegenstelling tot veel waardeloze alternatieve activa. De verkoop van de Pikachu-kaart is dus zowel een symptomatisch als symbolisch moment: een ultiem verzamelobject dat laat zien hoe kapitaal en cultuur elkaar in het huidige economische klimaat versterken — met mogelijke risico’s voor wie zulke items als veilige langetermijnbelegging ziet.