De pandjesprins? Koning-koopman Willem I was pas een investeerder, voor Nederland én zichzelf
In dit artikel:
Koning Willem I gebruikte zijn macht niet alleen om Nederland economisch te versterken, maar ook om zijn eigen vermogen fors uit te breiden. De vorst, die tussen 1815 en 1840 regeerde en bekendstond als de ‘koning-koopman’, investeerde volop in handel en industrie, onder meer via de Nederlandsche Handel-Maatschappij, opgericht in 1824. Dat bedrijf moest de economie in Nederlands-Indië en in het moederland stimuleren, maar leverde Willem I ook persoonlijk veel op.
Zijn zakelijke rol wekte al tijdens zijn regeerperiode kritiek. Tegenstanders vonden dat staatsbelang en privébelang te veel door elkaar liepen, zeker omdat het parlement weinig invloed had op de financiële constructies rond de koning. Ook Tweede Kamerlid Frederik van Poll en later liberale voorman Thorbecke waarschuwden voor geheime fondsen en te veel koninklijke invloed op economische zaken.
Thorbecke kreeg in 1848 de kans om de macht van de monarch te beperken. Onder druk van politieke onrust in Europa groeide Nederland uit tot een constitutionele monarchie, met meer macht voor het parlement. De passage over Willem I laat zien dat zijn economische ambities niet alleen het land, maar ook zijn persoonlijke rijkdom dienden: aan het einde van zijn bewind was zijn vermogen uitgegroeid tot ongeveer tweehonderd miljoen gulden.
De Oranjezomer: Rutger Castricum doet er na ophef over grappen over 75-plussers nóg een schepje bovenop