De openlijke corruptie van Trump leidt tot ongemak binnen zijn eigen partij

vrijdag, 22 mei 2026 (11:34) - NRC Handelsblad

In dit artikel:

President Trump heeft zichzelf via een juridische schikking buitengewoon bevoordeeld: na een in januari aangespannen zaak tegen de Belastingdienst — die onder zijn gezag valt — liet hij een overeenkomst sluiten waarmee een schadefonds van 1,776 miljard dollar wordt opgericht voor vermeende slachtoffers van ‘politieke vervolging’. De aankondiging door het ministerie van Justitie deze week zet belastinggeld in voor claims van onder meer aan Trump gelieerde conservatieve activisten, politieke bondgenoten en zelfs deelnemers aan de bestorming van het Capitool. Claims worden beoordeeld door een commissie die grotendeels uit Trumps bondgenoten zal bestaan.

Officieel stelde Justitie dat Trump zelf geen geld ontvangt en slechts excuses kreeg omdat een Belastingdienstmedewerker zijn aangiften had gelekt. Kort daarna werd echter stilletjes een bepaling online gezet die Trump, zijn bedrijven en familieleden “voor eeuwig” beschermt tegen vervolging of onderzoek naar hun belastingaangiften. Journalisten schatten dat die clausule hem tot ongeveer 100 miljoen dollar scheelt; eerder had het Hooggerechtshof hem al grote strafrechtelijke immuniteit opgeleverd.

De maatregel leidde tot felle veroordeling van Democraten, oud-ambtenaren en juridische experts, die spreken van grensverleggende presidentiële corruptie en een bedreiging voor de constitutionele orde. Ook binnen de Republikeinse gelederen resulteert de maatregel in ongemak en strijd: enkele invloedrijke senatoren en afgevaardigden hebben kritiek geuit en sommigen proberen de schikking te blokkeren. Intern sloeg de ruzie deze week hoogop, waardoor belangrijke stemmingen over migratie, Trumps balzaal en mogelijke stappen tegen Iran uitgesteld werden — een zeldzame openlijke partijkonfrontatie die de midterms in november kan beïnvloeden.

De samenstelling en het beheer van het fonds roepen extra vragen op. Het bedrag van 1,776 miljard verwijst symbolisch naar het Amerikaanse stichtingsjaar; het fonds valt niet onder het gewone congresbudget en wordt beheerd door een vijfkoppige commissie onder leiding van interim-justitieminister Todd Blanche — Trumps voormalige persoonlijke strafpleiter en naar verluidt architect van de schikking. Blanche weigerde tijdens een hoorzitting mensen uit te sluiten van uitkeringen, ook nadat bekend werd dat voormalige Capitoolbestormers opnieuw in aanraking waren gekomen met justitie; één van hen kreeg onlangs levenslang voor seksueel misbruik van kinderen, terwijl hij naar eigen zeggen uitkeringen uit het fonds zou gebruiken om slachtoffers het zwijgen op te leggen.

De beslissing past in een breder patroon van belangenverstrengeling tijdens Trumps tweede termijn: beursinvesteringen voorafgaand aan regeringshandelingen, controversiële contacten met buitenlandse leiders en het afbouwen van toezicht. Kritici wijzen erop dat de kosten voor Amerikaanse burgers komen terwijl de inflatie en rentes drukken, en dat zulke schikkingen normaliter door het Congres beoordeeld zouden moeten worden. Voor veel Republikeinen brengen de ontwikkelingen de moeilijke vraag of loyaal blijven aan Trump haar politieke prijs niet zal verhogen.