De oorlogsfilm Coward was nét op tijd af voor Cannes en dingt nu mee naar de Gouden Palm: 'We hebben tot 's avonds laat doorgewerkt'
In dit artikel:
Donderdagavond beleeft Coward van de Vlaamse regisseur Lukas Dhont zijn wereldpremière in Cannes. De film, een ambitieus drama dat zich tijdens de Eerste Wereldoorlog in loopgraven afspeelt, is mede gecoproduceerd door het Amsterdamse Topkapi Films met steun van het Nederlands Filmfonds en staat in de officiële competitie voor de Gouden Palm.
Dhont (34) is voor de derde keer in Cannes: zijn debuut Girl (2018) won onder meer de Caméra d’Or en de Queer Palm, Close (2022) kreeg de Grand Prix. Hij noemt Coward “het werk van velen en mijn meest ambitieuze film tot nu toe.” Lange tijd leek de montage en nabewerking te veel tijd te kosten, maar na een vertoning vier weken voor het festival belde Dhonts broer Michiel festivaldirecteur Thierry Frémaux en werd de film alsnog voor de competitie geselecteerd. Daarna werd er met spoed gewerkt aan kleurcorrectie, sounddesign en special effects — veel werkvuldig uitgevoerd bij Flow postproduction in Oosterhout — zodat maanden werk in enkele weken kon worden afgerond.
Belangrijke Nederlandse bijdragers zijn cameraman Frank van den Eeden en make-up-/haarchef Evalotte Oosterop (European Film Award 2024 voor When the Light Breaks). Oosterop werkte samen met Oscar- en Bafta-winnaar Pierre Olivier Persin voor de ingrijpende prothetische effecten; bij sommige opnames stonden meer dan 150 figuranten op de set. Het team zocht een subtiele balans: make-up moest de aftakeling en terreur van oorlog tonen zonder de aandacht ervan af te leiden.
Dhont omschrijft Coward als een film over overleven, opbouw en vernieling, en als een ode aan zowel degenen die naar het front werden gestuurd als aan degenen die probeerden eraan te ontsnappen. Het filmfestival duurt nog tot en met 24 mei.