De omstreden Vredesraad van Trump: wie zitten erin en wat wil hij ermee?
In dit artikel:
Eind 2025 lanceerde president Trump het idee van een internationale “Vredesraad”, die in september voor het eerst werd gepresenteerd en in november via een VN-Veiligheidsraadresolutie aanvankelijk beperkt was tot een overgangsbestuur voor wederopbouw en demilitarisering van de Gazastrook tot 2027. Het Witte Huis breidde daarna de ambitie uit: de raad moet zich nu ook kunnen bemoeien met andere conflicten wereldwijd. Bij de eerste bijeenkomst werd toch over grote financiële bijdragen voor Gaza gesproken en over inzet van buitenlandse troepen; Indonesië beloofde 8.000 tot mogelijk 10.000 militairen.
De organisatie is opgezet met sterke centrale controle door Trump: volgens het handvest is hij levenslang voorzitter en mag hij een opvolger aanwijzen. Permanente leden moeten uitgenodigd worden en 1 miljard dollar betalen om die status te verwerven; wie niet betaalt kan wel deelnemen maar ziet na drie jaar zijn lidmaatschap door de voorzitter geëvalueerd. De feitelijke macht lijkt echter te liggen bij een Executive Board waarin Amerikaanse vertrouwelingen en geopolitieke figuren zitten — onder anderen minister Rubio, gezant Witkoff, Jared Kushner en Tony Blair — terwijl grote geldschieters tijdelijke zetels krijgen.
Internationaal stuit het project op scherpe kritiek. Veel waarnemers zien de raad als een parallelorgaan dat de rol van de Verenigde Naties kan uithollen. Het ‘pay-to-play’-model wordt gezien als onverenigbaar met diplomatieke normen: invloed kopen in ruil voor financiële bijdragen ondermijnt volgens critici legitimiteit en gelijkwaardigheid. Ook de samenstelling van de deelnemers — opvallend veel autoritair geleide staten — en het sterke persoonlijke mandaat van Trump roepen zorgen op over politieke motieven en belangenverstrengeling. Het door het Witte Huis gebruikte logo, waarop alleen de VS op een wereldbol centraal staan, wordt door critici gezien als symbolisch voor het Amerikaanse centrum van macht.
Rond de ondertekening op 22 januari namen meer dan twintig landen deel, waaronder Argentinië, Indonesië, Saudi-Arabië, Turkije, Qatar, Marokko en Pakistan; later tekenden ook El Salvador en Israël. Een aantal Europese regeringen, zoals Frankrijk en Duitsland, weigerde lidmaatschap; anderen — waaronder Nederland, China, India, Rusland en Australië — hebben nog geen formeel antwoord gegeven. Italië, Mexico en de Europese Unie hebben zich gemeld als waarnemer, iets dat Frankrijk verraste omdat de EU daar volgens Parijs geen mandaat voor heeft. Canada kreeg aanvankelijk een uitnodiging, maar die werd ingetrokken na kritiek van de Canadese premier.
Deskundigen noemen het initiatief politiek gemotiveerd en organisatorisch zwak: woorden als ‘parallelle Veiligheidsraad’, ‘Trump-show’, en ‘amateuristisch’ werden gebruikt. Terwijl sommige analisten de raad als een forum voor politieke beïnvloeding zien, waarschuwen anderen dat het vooral een vehikel is om Amerikaanse belangen te bevorderen en landen te belonen of te straffen, wat de internationale samenwerkingsstructuren verder kan ondermijnen.