De meesterzetten van Jetten tegen Klaver én Yesilgöz
In dit artikel:
Een kabinet dat op papier maar 66 zetels in de Tweede Kamer en 22 in de Eerste heeft, lijkt zwak — maar de praktijk wijst anders uit. De onverwachte steun van Groep Markuszower, de zeven PVV-dissidenten die zichzelf als fractie presenteren, verandert de rekenkunde. Hoewel zij geen grote formatie vormen, stemmen zij opvallend vaak mee met de coalitie en waren ze zelfs één van de weinige partijen die tegen een motie van Klaver stemden waarin het parlement zich uitspreekt dat het zich niet gebonden acht aan het voorgenomen financieel kader. Dat zorgde ervoor dat het ogenschijnlijk wankele kabinet direct meer stabiliteit kreeg.
Toen Klaver vervolgens probeerde de verhoging van de AOW-leeftijd tot breekpunt te maken en het debat zo scherp te trekken, bleek ook de SGP bereid de coalitie uit de problemen te helpen. De motie miste de benodigde meerderheid, waardoor Klaver zijn zet verloor en zijn poging om breed maatschappelijk verzet te mobiliseren geen effect had. Het signaal was duidelijk: buiten JA21 en GroenLinks-PvdA heeft de minderheidscoalitie meer manoeuvreerruimte dan tegenstanders hadden ingeschat — en dat nog vóór beëdiging van het kabinet.
Centraal in de dynamiek staat D66-coryfee Rob Jetten. Waar hij aanvankelijk werd weggezet als technocraat die veel weggaf, liet hij strategisch vermogen zien. Door VVD-minpunten op papier te laten zetten waarvan hij wist dat die op korte termijn politiek onuitvoerbaar zijn — zoals een verhoging van de AOW-leeftijd zonder breed draagvlak en een beoogd begrotingstekort van -2,1% tegen eind 2029 — dwong hij de VVD sloten te tekenen onder voorwaarden die waarschijnlijk in het parlement sneuvelen. Die begroting zou volgens de berekeningen bijna 12 miljard euro structurele ruimte geven, maar het parlement nam juist een motie aan die zegt zich niet aan dat financieel kader gebonden te voelen; politiek drijfzand volgens de columnist.
De AOW-discussie functioneerde voor Jetten deels als afleidingsmanoeuvre: het debat ontspoorde zodanig dat aandacht voor andere D66-verliezen in het akkoord verschoof. Bovendien is de kans dat beoogd minister Vijlbrief zo’n ingreep realiseert zonder steun van vakbonden en een meerderheid in de Kamer praktisch nihil, waardoor het onderwerp meer symbolisch dan haalbaar werd.
Kortom: Jetten verloor op papier, maar won operationeel. Hij creëerde een minderheidskabinet met meerderheidspotentie op dossierniveau, terwijl de VVD vastzit aan beleidsbelofte die in de Kamer weinig kans maken. Dat maakt het kabinet voorlopig minder kwetsbaar dan de zetelverdeling doet vermoeden — en het verklaart ook de kalmte binnen D66 toen de VVD haar ‘overwinningen’ groot uitventte. Zoals fractievoorzitter Markuszower cynisch opmerkte: “We zijn niet gekomen om te gaan.”