De man die de Chinese economie teisterde met wereldwijde gevolgen, bekent schuld
In dit artikel:
Hui Ka Yan (ook bekend als Xu Jiayin), oprichter van vastgoedreus Evergrande, heeft in een rechtbank in Shenzhen schuld bekent aan meerdere misdrijven, waaronder fraude, verduistering en omkoping. De bekentenis wordt in China gezien als een belangrijke mijlpaal in de nasleep van de instorting van Evergrande, die sinds 2021 de bouw- en financiële sectoren en de bredere Chinese economie zwaar heeft geraakt.
Volgens de rechtbank gebruikte Evergrande duizenden aanbetalingen van huizenkopers niet voor voltooiing van bestaande projecten, maar om nieuwe ontwikkelingen te financieren. Dat beleid droeg bij aan honderdduizenden onafgewerkte woningen in heel China. Toezichthouders concludeerden in 2024 dat Evergrande tientallen miljarden dollars aan omzet had opgeblazen — naar schatting zo’n 78 miljard dollar — en legden het bedrijf en Hui zelf forse straffen en een levenslang verbod op deelname aan de effectenmarkt op. De totale schuldenlast van Evergrande liep op tot meer dan 300 miljard dollar.
Hui werd in 2023 opgepakt; sindsdien liep een lang onderzoek dat nu in de rechtszaal tot uiting komt. De rechter kondigde aan de uitspraak later te zullen doen; Hui riskeert mogelijk een levenslange gevangenisstraf. Analisten vermoeden dat zijn schuldbekentenis deels bedoeld is om de persoonlijke consequenties te verzachten, omdat bewijs al uitgebreid voorhanden was en een vrijspraak weinig waarschijnlijk leek. Hui betuigde volgens de rechtbank berouw.
Achtergrond: Hui groeide op in armoede, maakte carrière tijdens China’s snelle urbanisatie en richtte Evergrande in 1996 op. Het bedrijf breidde uit naar honderden projecten in honderden steden en diversifieerde zelfs naar energie en sport. In 2017 werd Hui nog gerekend tot de rijkste mensen van Azië. De snelle expansie rustte echter op enorme leningen en de praktijk van voorverkoop van woningen; de overheid schroefde vanaf 2020 het toezicht op de sector op met de zogeheten ‘three red lines’, waardoor onbeperkte schuldenname niet meer mogelijk was. Toen het model in 2021 instortte, vielen projecten stil, raakten kopers hun spaargeld kwijt en verloren miljoenen mensen hun baan. De crisis remde ook de Chinese economische groei en veroorzaakte wereldwijd terughoudendheid ten aanzien van investeringen uit China.
In 2024 beval een rechtbank in Hongkong de gecontroleerde liquidatie van Evergrande nadat herstructureringspogingen faalden en schuldeisers het vertrouwen verloren. Huidige stappen moeten resterende waarde verzilveren en verliezen tussen schuldeisers verdelen. Hui’s bekentenis markeert het juridische hoofdstuk van een van de grootste bedrijfs- en boekhoudschandalen in China, met verstrekkende gevolgen voor huishoudens, de vastgoedmarkt en het economische beleid in het land.