De kansloze missie van Mathieu van der Poel en Jonas Rickaert was de mooiste Tourrit van het jaar

dinsdag, 30 december 2026 (11:03) - NRC Handelsblad

In dit artikel:

Jonas Rickaert herinnert zich vooral de pijn: op zo’n 70 km van de finish begon kramp en misselijkheid die hem tijdens de negende etappe van de Tour de France uren zou achtervolgen. Op zondag 13 juli, tijdens de vlakke en bloedhete rit van Chinon naar Châteauroux (174 km), ging hij samen met ploegmaat Mathieu van der Poel al bij de start in de aanval. Waar velen een voorspelbare massasprint verwachtten, ontstond een heroïsche tijdrit-tweespan tegen het peloton die wereldwijd opviel.

Rickaert, 31, is normaal gesproken een domestique bij Alpecin–Deceuninck: groot van postuur, onderdeel van de sprinttrein voor kopman Jasper Philipsen en steunpilaar in klassiekers voor Van der Poel. Een etappezege of eindklassement zat er voor hem niet in; zijn reële kans op podiumglorie lag bij de dagprijs voor strijdlust, een eerbetoon dat meestal naar renners gaat die lange ontsnappingen rijden. Samen met Van der Poel smed hij een plan: elk korte, intensieve kopbeurten van ongeveer drie minuten rijden en volhouden zolang het ging.

De achtergrond van de beslissing is illustratief: eerder in de Tour probeerde Rickaert al eens vroeg weg te rijden, maar moest toen terugkeren op verzoek van ploegleider Christoph Roodhooft. Nu miste Alpecin–Deceuninck hun sprintkanon Philipsen na diens val in een eerdere etappe, en Roodhooft had geen zin in een saaie massasprint — hij gaf het duo groen licht. Van der Poel, die al meerdere dagen aanvallend gereden had en zelfs kort geel had gedragen, bood zich aan om Rickaert te helpen zijn droom van een podiumervaring waar te maken.

Vanaf de start bouwden Rickaert en Van der Poel een voorsprong op die soms meer dan vijf minuten bedroeg. Het peloton reageerde aanvankelijk laconiek; pas toen het gat ook met nog ruim 90 km resterend rond de vijf minuten bleef, sloeg paniek toe en gingen sprintersploegen volle bak werken om het duo terug te halen. Gedurende de dag produceerden de twee uitzonderlijke vermogens: urenlang hoge wattages (gemiddeld 386 W over extreem lange periodes volgens later gesprekken), iets wat zelfs voor topprofessionals ongebruikelijk is. De warmte, de inspanning en de voortdurende snelheid eisten hun tol: Rickaert moest meerdere keren overgeven en kreeg krampen.

Tegen het einde, op zo’n 30 km van de streep, was Rickaert volledig leeg en had hij zich voorgenomen zich terug te laten zakken zodat hij de strijdlustprijs veilig kon stellen. Van der Poel geloofde echter in de overwinning en hield de aanval vol. Toen Jumbo‑Visma in de finale het peloton op een lint trok en de achtervolging intensifieerde, kromp de voorsprong snel. Op zes kilometer van de meet stuurde Rickaert Van der Poel vooruit; binnen een kilometer was Rickaert opgepikt door het peloton. Van der Poel werd op 700 meter van de finish gegrepen. De rit werd gewonnen door sprinter Tim Merlier; Van der Poel finishte nog als 68e, Rickaert kwam binnen als 117e.

Na afloop kreeg Rickaert de prijs voor de strijdlust, een huldiging inclusief gouden rugnummers en veel media-aandacht. Voor hem betekende die dag meer dan een trofee: erkenning van collega’s en internationale faam. Hij werd herkend in Singapore en ontving honderden felicitaties, ook van wieleridolen. Thuis staat de trofee op een dressoir naast de gouden rugnummers en foto’s van zijn gezin — zijn vrouw en dochter waren die dag aanwezig en waren een belangrijke emotionele steun.

De negende etappe werd door commentatoren en oud-coryfeeën als Annemiek van Vleuten en Tom Dumoulin geroemd als een van de mooiste van die Tour: extreem snel (de op‑een‑na snelste Tourrit ooit met een gemiddelde boven de 50 km/u), onvoorspelbaar en exemplarisch voor koersgeest. Voor Rickaert betekende de rit vooral een persoonlijke triomf in het lijden: een zeldzame kans om in de schijnwerpers te staan, fysiek tot het uiterste te gaan en waardering te winnen van ploeg, publiek en collega’s — ook al kwam de daadwerkelijke zege net niet binnen handbereik. Volgens hem had Van der Poel achteraf gezegd dat hij Rickaert de overwinning had gegeven als ze samen waren gebleven, een gedachte die de mythische status van hun ontsnapping alleen maar versterkt.