De Jonge verdedigt nog altijd zijn coronabeleid: 'Vreselijk, maar onvermijdelijk'
In dit artikel:
Hugo de Jonge heeft tijdens zijn eerste verhoor in de parlementaire coronacommissie vastgehouden aan de kern van zijn aanpak als oud-zorgminister. Op vrijdag, in Den Haag, verdedigde hij het strenge beleid dat hij tijdens de pandemie voerde, waaronder het bezoekverbod in verpleeghuizen, het coronatoegangsbewijs en zijn felle oproepen richting ongevaccineerden. Volgens hem waren die maatregelen nodig om te voorkomen dat de zorg zou vastlopen.
De commissie legde hem kritische vragen voor over de gevolgen van het beleid, bijvoorbeeld dat bewoners van verpleeghuizen soms eenzaam stierven en dat communicatie over uitzonderingen niet duidelijk genoeg was. De Jonge gaf op sommige punten toe dat de communicatie beter had gekund, maar stelde tegelijk dat beslissingen achteraf makkelijk te bekritiseren zijn. Hij waarschuwde voor terugkijken met kennis van nu en benadrukte dat bestuurders in een crisis moeten handelen onder grote tijdsdruk.
Wel erkende hij enkele fouten, zoals de regionale coronaanpak in de zomer van 2020 en de campagne rond “dansen met Janssen”, die volgens hem een inschattingsfout was. Toch bleef zijn hoofdboodschap dat hij handelde vanuit de verantwoordelijkheid om de zorg overeind te houden en dat hij “geen Zwitserland kon blijven” als minister van Volksgezondheid. Na een verhoor van ongeveer 3,5 uur blijven er nog vragen open; na de zomer volgt een tweede ronde, waarin ook Mark Rutte en Ferd Grapperhaus opnieuw worden gehoord.
De Oranjezomer: Hugo Borst krijgt lachers op de hand met bijzondere imitatie: 'Dit wordt herhaald!'