De jaren van Te Kloese bij Feyenoord: financiële klappers, sportieve achteruitgang
In dit artikel:
Dennis te Kloese vertrekt deze zomer als algemeen en technisch directeur van Feyenoord, na ruim viereneenhalf jaar aan de top van de Rotterdamse club. Sinds zijn komst in januari 2022 werd hij de bepalende figuur voor beleid op en naast het veld, maar zijn periode eindigt onder druk van sportieve tegenvallers en toenemende kritiek — afgelopen winter bereikte die kritiek zelfs een dieptepunt met een stortvloed aan bedreigingen richting hem.
Sportief kende Te Kloese aanvankelijk succes: hij nam tijdelijk technische taken over toen Frank Arnesen gezondheidsproblemen kreeg en wist dankzij zijn Mexicaanse connecties spelers als Santiago Giménez aan te trekken. Onder trainer Arne Slot leverde dat meteen rendement op: de finale van de Conference League (2022), het landskampioenschap (2023) en de KNVB-beker (2024). Toen Slot naar Liverpool vertrok moest Te Kloese voor het eerst een nieuwe hoofdtrainer benoemen; de keuze voor Brian Priske pakte slecht uit, waarna ook opvolger Robin van Persie niet voor structurele verbetering zorgde. Tegelijkertijd vielen veel van de aangetrokken spelers tegen, waardoor de sportieve prestaties uiteindelijk slechter zijn dan bij zijn aantreden.
Zakelijk daarentegen zette Te Kloese duidelijk stappen. Feyenoord draaide van structureel verlies naar zwarte cijfers: na een winst van 9,5 miljoen in 2024 kwam 2025 uit op een recordwinst van 23 miljoen, mede door Champions League-deelname, een gunstiger hoofdsponsorcontract en positieve transferresultaten. Het eigen vermogen bedroeg in het najaar van 2025 circa 37 miljoen euro. Tevens maakte hij een belangrijke strategische beweging door in december 2025 bijna volledige zeggenschap (95%) over stadion De Kuip veilig te stellen — een historische stap die de club meer controle over haar thuisbasis geeft.
De balans van Te Kloese’s termijn is dus dubbel: sportief verantwoordelijk voor mislukte trainerkeuzes en dure misfits, maar zakelijk verantwoordelijk voor financiële gezonde cijfers en een sterkere bestuurlijke positie rond De Kuip. Hoe duurzaam die zakelijke fundamenten blijken voor toekomstige sportieve prestaties zal de komende jaren moeten blijken.