De hypotheekrente aftrek een breekpunt? Dat is nergens voor nodig

zaterdag, 13 september 2025 (10:03) - Trouw

In dit artikel:

Peter Boelhouwer (hoogleraar huisvestingssystemen, TU Delft) betoogt dat de programmapunten over de woningmarkt tussen middenpartijen en de VVD geen onoverkomelijk obstakel hoeven te vormen voor een middenkabinet. De kern van het conflict is de hypotheekrenteaftrek: CDA, D66, ChristenUnie en GroenLinks-PvdA pleiten voor een geleidelijke afbouw van hypotheekrenteaftrek en het eigenwoningforfait, gecombineerd met lagere inkomstenbelasting; de VVD weigert deelname als die aftrek wordt aangetast.

Boelhouwer wijst erop dat er veel consensus is tussen partijen over andere belangrijke maatregelen: meer geld voor woningbouw, grotere rol voor corporaties, bouwen op meer locaties en efficiëntere inzet van de bestaande voorraad. Die gezamenlijke ingrediënten bieden volgens hem voldoende basis om de woningcrisis stapsgewijs aan te pakken.

De auteur benadrukt ook dat het geleidelijk afschaffen van hypotheekrenteaftrek, zoals in veel West-Europese landen is gedaan en waarvan woningmarktdeskundigen doorgaans de voordelen onderschrijven, positieve effecten heeft: minder sterke prijsstijgingen, aantrekkelijker investeren in huurwoningen, en eerlijkere belastingverdeling doordat huurders via hogere inkomstenbelasting niet langer meebetalen aan het kopersvoordeel. Bovendien kan besparing op de aftrek worden ingezet om starters te helpen en nieuwbouw te stimuleren.

Boelhouwer schetst concrete compromissen om de VVD binnenboord te houden:
- Verhogen van het eigenwoningforfait richting een niveau dat meer lijkt op de economische waarde van wonen (huidig 0,35% van WOZ versus bijvoorbeeld circa 4%). Aandachtspunt: hogere belastingdruk voor ouderen zonder hypotheek; mogelijk oplossing is tijdelijke vrijstelling na aflossing van de hypotheek.
- Overhevelen van de eigen woning van box 1 naar box 3, zodat woningen als vermogen worden belast. Hypotheekrenteaftrek zou in dat model blijven gelden, maar bij verkoop wordt belasting geheven over de feitelijke waardestijging. Dit sluit deels aan op wat verhuurders vanaf 2028 ook gaan doen.
- Regionale en inkomensgerichte alternatieven: de SP-variant (afbouw tot een maximale koopprijs, bijvoorbeeld €400.000) beperkt voordeel voor duurdere huizen en helpt starters; CDA pleit voor zeer geleidelijke afbouw zodat effecten langzaam zijn en belastingvoordelen vooral naar hogere inkomens gaan.

Als voorkeur stelt Boelhouwer een combinatie voor: geleidelijke afbouw van eigenwoningforfait en hypotheekrenteaftrek, overheveling naar box 3 en heffing van belasting over waardestijging bij verkoop — een model dat aansluit bij voorbeelden uit landen als de VS, Spanje en Frankrijk. Hij erkent echter dat politieke haalbaarheid onzeker is en dat een middenweg (gedeeltelijke behoud van aftrek gecombineerd met een vermogenswinstbelasting) ook bespreekbaar kan zijn.

BEKIJK OOK:

De Oranjezomer: Angelo Boonman deelt indrukwekkend verhaal over zijn missie na verlies van vrouw en zoon aan kanker