De Hilversumse doofpot loont: Weggestuurde NOS-baas Timmer lacht zich rot met bizar hoge ontslagvergoeding

vrijdag, 1 mei 2026 (20:23) - Dagelijkse Standaard

In dit artikel:

Het artikel beschuldigt de leiding van de publieke omroep van het verdoezelen van hoge vergoedingen aan topfunctionarissen. Centraal staat voormalig NOS‑directeur Gerard Timmer, die in maart 2024 opstapte nadat bekend werd dat hij signalen van grensoverschrijdend gedrag binnen omroepen niet had opgevolgd. Volgens de publicatie ontving hij voor korte tijdsperiodes veel meer belastinggeld dan eerder naar buiten werd gebracht: aanvankelijk meldde de NOS een uitbetaling van ruim €19.000, maar in het jaarverslag 2025 wordt een volledige ontslagvergoeding van €75.000 genoemd. De NOS verklaart dat de restbetaling van €55.509 in januari 2025 is gedaan na een verkeerde interpretatie van de WNT‑regels; de NPO noemt de onvolledige rapportage een technische omissie. Het artikel haalt daarnaast een hoger, omstreden totaalbedrag van circa €285.000 voor “drie maanden werk” aan als verwijt richting Timmer.

Ook andere topfunctionarissen zouden flink hebben geprofiteerd: interim‑directeur Renate Eringa kreeg volgens het stuk een tarief van €28.800 per maand als zzp’er en zag zich na publieke kritiek genoodzaakt af te zien van een deel van haar vergoeding. Zakelijk directeur Rik Welling zou voor ongeveer negen maanden bijna €200.000 hebben ontvangen, en voorganger Geert Hofman ruim €80.000 voor circa vier maanden. De Raad van Toezicht noemt in het verslag dat men een bestuurlijk onrustige periode afsluit en met vertrouwen vooruitkijkt.

Het artikel betrekt deze betalingen op bredere kritiek: publiek gefinancierde omroepen zouden niet transparant genoeg zijn en te weinig verantwoordelijkheid nemen bij misstanden. Als extra context is relevant dat de WNT (Wet normering topinkomens) limieten stelt aan vergoedingen in de publieke sector; onduidelijkheid over naleving en verslaglegging voedt de oproep tot strengere controle en verantwoording van bestedingen met belastinggeld.