De grenzeloze hypocrisie: 'Vrijheidsstrijder' Lale Gül rent huilend naar de politie na flauwe grap Roddelpraat
In dit artikel:
Schrijfster Lale Gül staat opnieuw in de vuurlinie nadat shock-vlogger Dennis Schouten in zijn satirische programma Roddelpraat een plat grapje over haar afkomst maakte. Schouten suggereerde op ludieke wijze dat zanger Jan Smit beter een “typisch Hollandse” partner kon kiezen in plaats van Gül, omdat zij – in zijn woorden – “een Turk” is. In antwoord daarop schakelde Gül een dure advocaat (Peter Plasman) in, deed melding bij de politie en publiceerde een verontwaardigde column in De Telegraaf.
De auteur van het gepresenteerde stuk beschuldigt Gül van grove hypocrisie: jarenlang presenteerde zij zichzelf als een onverzettelijke voorvechtster van het vrije woord, vooral bij kritiek op religie en haar eigen achtergrond, maar nu zou ze datzelfde recht op kritiek niet willen verdragen wanneer het haar persoonlijk raakt. Volgens de tekst probeert Gül het onderscheid tussen kritiek op ideeën en grappen over afkomst te maken, maar verandert dat niets aan de kernregel dat zij anderen tot op het bot mocht beledigen terwijl ze zelf juridische stappen zoekt als het andersom gebeurt.
Het commentaar verwijst ook naar televisiediscussies (waaronder een opmerking van Johan Derksen) waarin Gül flink werd bekritiseerd en als kinderachtig bestempeld. Bovendien hekelt de schrijver dat Gül privéberichten van Schouten openbaar maakte om hem persoonlijk in diskrediet te brengen; dat zou haar eigen kwetsbaarheid en wraakzucht blootleggen. De hoofdboodschap is dat opiniemakers en bekende Nederlanders volgens de auteur te snel naar politie en rechtbank grijpen om hun gekrenkte ego te beschermen, en dat het strafrecht niet bedoeld is om te bepalen welke grove grappen “wel door de beugel kunnen”.
Het stuk verdedigt het principe dat het vrije woord juist moet kunnen schuren en soms pijn doen, en ziet de affaire als voorbeeld van dubbele standaarden binnen de media-elite: sommigen mogen hard uithalen zonder consequenties, maar zodra zijzelf worden geraakt, eisen ze bescherming. De tekst bevat verder oproepen om zich aan te sluiten bij een “verzet” voor ongebreidelde meningsuiting en promoot een nieuwsbrief van de publicatie.
Kort: het artikel brengt een principiële kritiek op Gül’s handelswijze, stelt dat haar reactie het eerdere pleidooi voor vrije meningsuiting tegenspreekt en waarschuwt tegen het juridiseren van persoonlijke beledigingen.