De geschiedenis van de stad Moskou haalt Poetins geopolitieke verlangens onderuit
In dit artikel:
De Canadese musicoloog en slavist Simon Morrison beschrijft in zijn boek *Moskou. Een duizendjarige geschiedenis* de ontwikkeling van de Russische hoofdstad aan de hand van levendige anekdotes en scherpe historische duiding. De recensie begint bij de oprichting van het Bolsjojtheater in de achttiende eeuw, toen Catharina de Grote een theater voor een breder publiek wilde om Moskou te verheffen. Michael Maddox realiseerde dat plan, maar zijn onderneming ging uiteindelijk ten onder aan concurrentie, geldgebrek en brand. Uit die geschiedenis blijkt volgens Morrison hoe sterk Moskou en zijn cultuur altijd met machtsverhoudingen, prestige en ondergang zijn verbonden geweest.
Het boek voert vervolgens terug naar de vroege Russische geschiedenis. Morrison zet volgens de recensie vraagtekens bij het idee dat het huidige Rusland rechtstreeks voortkomt uit het Kievse Roes, een gedachte die ook door Vladimir Poetin wordt gebruikt om de oorlog tegen Oekraïne te legitimeren. Hij benadrukt juist dat Moskou destijds een onbeduidend fort was en pas veel later, onder Mongoolse overheersing en via slimme allianties en gebiedsuitbreiding, uitgroeide tot machtscentrum. Daarna behandelt Morrison onder meer de wederopbouw na de grote brand van 1365, de vestingwerken van Ivan de Verschrikkelijke, de volksheld en dief Vanka Osipov, en de geschiedenis van het gevangeniswezen.
Ook minder bekende en later verdrongen hoofdstukken krijgen aandacht, zoals de Joodse wijk Zarjadje, waar na 1821 een bloeiende gemeenschap ontstond die in 1891-1892 werd verdreven, met economische gevolgen voor heel Rusland. De recensent prijst Morrison omdat hij met kennis van zaken, gevoel voor detail en een kritische blik ook de moderne geschiedvervalsing in Moskou ontleedt. Daardoor zou het boek niet alleen voor leken, maar zelfs voor ervaren Ruslandkenners de moeite waard zijn.
De Oranjezomer: Chris Woerts kondigt unieke Ajax-deal aan