De Franse oud-minister Simone Veil was rebels in Birkenau
In dit artikel:
Parijs — Filmmaker en onderzoeker David Teboul brengt in het Mémorial de la Shoah een expositie die de persoonlijke band tussen Simone Veil (1927–2017) en haar zusters Denise en Madeleine centraal stelt. Na eerder twee documentaires, twee boeken en een zes uur durend audioproject rond Veils Panthéon‑bijzetting in 2018, reageert Teboul nu op hedendaags revisionisme door opnieuw het familieverhaal op te halen aan de hand van nooit eerder getoonde archiefstukken.
Teboul kreeg toegang tot de familiearchieven van de zussen Jacob: foto’s, documenten, dagboeken en brieven. Die beelden tonen een jeugd in een geassimileerd joods gezin van Nice — spelende kinderen op de Promenade des Anglais en op het strand van de Baie des Anges — vóór de oorlog alles veranderde. In maart 1944 werden het hele gezin en de kinderen gedeporteerd onder het Vichy‑regime. Denise, actief in het verzet, ontsnapte met valse papieren en overleefde Ravensbrück. Simone, destijds zestien, raakte gedeporteerd naar Auschwitz en kreeg daar haar kampnummer. De expositie bevat ook documentairefragmenten waarin herinneringen aan die kampen worden opgehaald en relaties die daar ontstonden, zoals met Marceline Loridan, worden belicht.
Van de familie overleefden alleen de drie zussen; hun vader en broertje werden vermoord, de moeder bezweek aan tyfus na een dodenmars vanuit Bergen‑Belsen in 1945. Na de bevrijding gingen Denise, Madeleine en Simone elk hun eigen weg en hielden via brieven contact. Madeleine kwam in 1952 om bij een auto‑ongeluk; dat verlies verstevigde het contact tussen Simone en Denise, die haar leven lang de herinnering aan verzet en deportatie levend hield.
Simone Veil bouwde na haar studie politicologie en rechten een publieke carrière op: ze werkte op het ministerie van Justitie, verbeterde de omstandigheden in vrouwengevangenissen en als minister van Volksgezondheid wist ze in 1975 het Parlement over te halen het recht op abortus in te voeren. Tebouls tentoonstelling plaatst die politieke loopbaan terug binnen de context van familieleven, overleving en blijvende zusterbanden.