De eik vertraagt om de rups te slim af te zijn: 'Ons begrip van hoe de lente aanbreekt zal nooit meer hetzelfde zijn'
In dit artikel:
Onderzoekers van onder andere de universiteit van Würzburg, geleid door Soumen Mallick, ontdekten dat eiken in Beierse bossen een simpele maar effectieve tactiek gebruiken om rupsen te ontwijken: als een boom het jaar daarvoor door rupsen was kaalgevreten, komt hij het volgende voorjaar gemiddeld drie dagen later uit blad. Het team publiceert de bevindingen in Nature Ecology & Evolution.
De wetenschappers volgden gedurende jaren tienduizenden individuele bomen met nieuwe satellietbeelden van circa 10×10 meter-resolutie — beelden die ook bij bewolking bruikbare data opleveren — en konden zo nauwkeurig vaststellen wanneer bomen blad kregen en wanneer dat blad vroegtijdig verdween door vraat. Duidelijk bleek dat bomen die het jaar ervoor werden aangevreten, het seizoen een paar dagen uitstellen; dat tijdsverschil is genoeg om een groot deel van de jonge rupsen te laten verhongeren. Volgens de analyse vermindert die strategie de bladvraat met ongeveer 55 procent, meer dan bijvoorbeeld de productie van bittere tannines.
Het verschijnsel is omkeerbaar: in jaren zonder vraat synchroniseren de eiken weer met de rest van het bos, waardoor een evolutionaire ‘wapenwedloop’ met de rupsen wordt voorkomen. Wat de precieze fysiologische schakeling is waarmee een boom het uitlopen vertraagt, blijft onbekend; dat zou langdurige laboratoriumexperimenten vereisen die praktisch onhaalbaar zijn. Mallick merkt op dat deze ontdekking ons beeld van hoe de lente in bossen aanbreekt fundamenteel verandert: bomen reageren niet alleen op temperatuur en vocht, maar ook op interacties met herbivoren.
De onderzoekers waarschuwen dat klimaatverandering deze timing ingewikkelder maakt: als het steeds vroeger warm wordt, wordt het moeilijker voor eiken om de optimale ontluiktijd te treffen en zo de balans tussen risico op vraat en groeivoordeel te bewaren.