De eeuwoude noordse combinatie vecht in Predazzo voor haar voortbestaan. 'Ik denk niet dat mijn Instagrampagina de sport gaat redden'

dinsdag, 17 februari 2026 (22:03) - NRC Handelsblad

In dit artikel:

Wanneer Ryota Yamamoto na een sprong van 136,5 meter soepel landt, levert dat hem de hoogst gewaardeerde schansscore van de dag op en veel gejuich van de Japanse aanhang in Predazzo. Toch staat de noordse combinatie — het samengaan van schansspringen en langlaufen dat sinds 1924 bij de Winterspelen hoort — op het punt van verdwijnen: het Internationaal Olympisch Comité (IOC) beslist in juni of de sport van de olympische kalender wordt gehaald.

Op deze Spelen vond dinsdag de individuele wedstrijd plaats op de grote schans met 10 kilometer langlaufen; alleen het ploegnummer van donderdag resteert nog als de sport wordt gestript. Het IOC noemt als hoofdargument het gebrek aan internationale concurrentie en lagere kijk- en bezoekerscijfers dan bij andere winterdisciplines. Een woordvoerder wees erop dat op de laatste drie edities van de Winterspelen de 27 medailles in de noordse combinatie naar atleten uit slechts vier landen gingen (Duitsland, Noorwegen, Japan en Oostenrijk).

De gevolgen van uitsluiting zijn concreet en zorgwekkend voor sporters en bondsvertegenwoordigers: minder olympische zichtbaarheid betekent ook minder geld en mogelijk het uiteindelijke verdwijnen van de discipline. Technisch directeur Horst Hüttel van de Duitse skibond spreekt van flinke onzekerheid; favoriet Johannes Lamparter waarschuwt dat het wegvallen van de Spelen de financiering en het voortbestaan van de sport bedreigt.

De kleinheid van de internationale vloot verklaart deels het probleem: wereldwijd beoefenen iets meer dan 800 atleten de noordse combinatie op internationaal niveau; op deze Spelen kwamen 36 deelnemers uit vijftien landen in actie. Die drempels zijn deels structureel: schansspringen vereist speciale faciliteiten en is risicovol, waardoor veel landen geen infrastructuur of ontwikkeltrajecten hebben. Om dat te veranderen heeft de internationale skifederatie FIS de afgelopen drie jaar ongeveer 750.000 euro geïnvesteerd in talentprogramma’s en samenwerkingsprojecten — bijvoorbeeld het onderbrengen van de Nederlander Sean Steenbakkers bij de Duitsers en partnerschappen tussen Noorwegen en Estland of Frankrijk en Oostenrijk.

Een andere pijnlijke reden voor het mogelijke schrappen heeft niets met prestatiecijfers te maken: de noordse combinatie is de enige olympische sport zonder vrouwenonderdeel. Het IOC zet zwaar in op gendergelijkheid en wilde eerder vrouwelijke deelname zien; bij de vorige cyclus vond het IOC het niveau en de internationale spreiding echter onvoldoende. De FIS stelt dat vrouwen inmiddels klaar zijn voor een olympisch debuut en dat deelname van vrouwen ook de internationale breedte zou vergroten — iets wat de concurrentiesituatie meteen zou verbeteren. De keuze in juni ligt aldus tussen het schrappen van de hele sport of het opnemen van vrouwen vanaf 2030.

Op televisie en sociale media zoekt de sport extra aandacht: FIS zette contentmakers in om wedstrijden aantrekkelijker te presenteren, en op deze Spelen bepleitte de organisatie betere uitzendtijden — deels met succes, zoals in Italië, waar de sport relatief veel fans heeft. In Tesero, acht kilometer van de schans, verraste de omstandigheden: zonnige pistes en livestreams vanuit Italië trokken extra kijkers; de NOS besloot de ontknoping live uit te zenden. De race zelf leverde spanning tot het einde op: Jens Oftebro, een sterke langlaufer, kwam als eerste over de streep en won het goud, Lamparter pakte zilver — beiden kregen een warme ontvangst van het publiek en volgens Lamparter was ook IOC-president Kirsty Coventry aanwezig en onder de indruk.

Toch blijft de toekomst ongewis. Veel betrokkenen hopen dat de indrukwekkende wedstrijdmomenten en recente investeringen genoeg zijn om de sport te behouden of om vrouwen snel toe te laten, maar het definitieve oordeel volgt pas in juni. Oftebro vatte het gevoel treffend samen: hij geniet van het goud, maar wil niet de “laatste” olympische kampioen van zijn sport zijn — hij wil in 2030 weer voor olympisch goud strijden.