De doodstraf voor Palestijnen, en opnieuw doet Europa welgeteld niets

maandag, 6 april 2026 (19:00) - De Groene Amsterdammer

In dit artikel:

De Israëlische Knesset stemde recent een wet in die de doodstraf mogelijk maakt voor Palestijnse gevangenen die zijn veroordeeld voor het doden van joodse Israëliërs. De nieuwe regels verlagen de drempel voor zo’n vonnis, beperken gratieopties en vergrootten de kans op executie, terwijl Palestijnen doorgaans voor militaire rechtbanken verschijnen en Israëlische burgers voor civiele kamers. Mensenrechtenorganisaties waarschuwen al langer voor marteling en vernedering van Palestijnse gedetineerden, en veel waarnemers vrezen dat strenger straffen geen einde zal maken aan geweld maar eerder nieuwe cycli van radicalisering en represailles kan aanwakkeren — een argument ondersteund door het feit dat meer dan 125 landen de doodstraf hebben afgeschaft.

De maatregel valt samen met een bredere ontwikkeling in Israël, waarin archeologie, religie en politiek naast veiligheid een rol spelen in het onderbouwen van nationale aanspraken en identiteit. De doodstraf wordt gezien als een volgende stap in een proces waarbij veiligheidszorgen andere normen naar de achtergrond duwen.

Europa reageerde met diplomatieke veroordelingen en bezorgdheid, maar zonder concrete sancties. Dat is geen toeval: de Europese Unie onderhoudt een omvangrijke handels- en samenwerkingsrelatie met Israël via een associatieakkoord en is economisch en strategisch verweven met het land op terreinen als defensie, technologie en energie. Sinds Rusland’s aanval op Oekraïne en de toegenomen zorgen over autocratische machten en Amerikaanse terugtrekking uit NAVO-verplichtingen, zoekt Europa meer eigen veiligheidsmiddelen — en daarbij speelt Israël een belangrijke rol als leverancier van geavanceerde wapensystemen. Voorbeelden: Duitsland tekende miljardencontracten voor het Israëlische Arrow 3-luchtafweersysteem, Nederland bestelde in 2024 voor honderden miljoenen euro’s aan Israëlische wapens, en zelfs landen die kritiek uiten maakten uitzonderingen op embargo’s voor technologische samenwerking.

Incidenten zoals Israëls stopzetten van aankopen uit Frankrijk toen Parijs Amerikaanse wapentransporten niet door zijn luchtruim wilde laten gaan, illustreren dat Israël bereid is handelsdruk te gebruiken. Daarmee komt de kernvraag naar voren: Europa heeft morele standaarden rondom mensenrechten en afschaffing van de doodstraf, maar blijkt in de praktijk beperkt in zijn vermogen om die standaarden af te dwingen tegenover een geopolitiek en militair relevante partner. De wet onthult dus niet alleen iets over Israël, maar ook over de grenzen van Europese invloed en bereidheid tot consequent handelen.