De bruidsvlucht van de mier: waarom we net nu zoveel vliegende mieren zien
In dit artikel:
Vliegende mieren die deze zomer massaal opduiken, zijn volgens KU Leuven-bioloog Anneline Mattens geen reden tot ongerustheid. Het gaat niet om een aparte soort, maar om gewone zwarte wegmieren die in de warmste periode van het jaar tijdelijk vleugels krijgen voor de voortplanting. Tijdens die zogenaamde bruidsvlucht vliegen jonge koninginnen en mannetjes uit, paren in de lucht en beginnen daarna — als alles lukt — aan de vestiging van een nieuwe kolonie.
Mattens legt uit dat mierenkolonies draaien rond één koningin, soms meerdere, die jarenlang eitjes legt. Uit bevruchte eitjes ontstaan werksters of toekomstige koninginnen, uit onbevruchte eitjes mannetjes. Na de paring bewaart een koningin het sperma voor de rest van haar leven, waardoor ze later zelf kan bepalen welke eitjes bevrucht worden.
Dat we de zwermen nu zoveel zien, heeft te maken met het weer: langere warme periodes, vaak afgewisseld met onweer, vormen ideale omstandigheden. In steden valt het fenomeen extra op doordat de temperatuur daar gelijkmatiger is, waardoor veel kolonies tegelijk worden geactiveerd. Biologisch is dat nuttig, omdat vliegen mieren toelaat verder van elkaar te paren en zo inteelt te vermijden. Mannetjes sterven kort na de paring, terwijl de nieuwe koninginnen zich in de grond ingraven om een nest te starten. Overlast veroorzaakt het nauwelijks; het is vooral een kort en opvallend voortplantingsmoment.
De Oranjezomer: Wat is het gekste waar Victor Vlam ooit aan heeft gelikt? ‘Hoe heet ‘ie ook alweer?!’