De broeikas | AI slurpt steeds meer stroom, maar zo hoeft het niet te gaan
In dit artikel:
Klimaatverslaggever Jeroen Kraan belicht deze week de klimaatconsequenties van de razendsnelle opkomst van kunstmatige intelligentie (AI). Wereldwijd worden de komende jaren naar verwachting biljoenen euro’s geïnvesteerd in AI-infrastructuur — niet alleen servers en kabels, maar ook in de extra energievoorziening die daarbij hoort. Volgens het Internationaal Energieagentschap zal het stroomverbruik van datacenters in vijf jaar tijd verdubbelen; die toename komt overeen met het huidige elektriciteitsgebruik van landen als Frankrijk of Duitsland.
Dat verschil met andere elektrificatietrends is belangrijk: waar elektrische auto's en industriële elektrificatie vaak fossiele brandstoffen vervangen en zo het klimaat kunnen helpen, leidt de energiehonger van grote AI-centra in de VS er juist toe dat geplande sluitingen van kolen- en gascentrales worden uitgesteld. Sommige bedrijven, zoals Elon Musks xAI, zetten vuile gasgeneratoren naast hun datacenters om zelf stroom te produceren. Recent onderzoek suggereert dat de CO2-voetafdruk van AI-activiteiten vergelijkbaar kan zijn met die van een land als Oostenrijk.
Kraan haalt het boek Power and Progress aan van Daron Acemoglu en Simon Johnson (winnaars van de Nobelprijs economie 2024) om een breder punt te maken: technologische vooruitgang vergroot productiviteit, maar kan ook ongelijkheid versterken tenzij beleidskeuzes ingrijpen. Zonder actieve regulering, vakbondswerk of andere ingrepen blijven de baten geconcentreerd bij techreuzen, terwijl maatschappelijke kosten — overbelaste netten, extra CO2-uitstoot en zelfs sociale schade — bij de rest terechtkomen. Tech-bazen beweren soms dat slimme AI uiteindelijk zelf het klimaatprobleem zal oplossen; Kraan noemt dat een riskante gok die we niet hoeven te nemen.
Er zijn alternatieve wegen. Beleidskeuzes kunnen zuinige en duurzame AI stimuleren, zoals grootschalige subsidiëring die eerder de uitrol van zonne-energie versneld heeft. In Nederland gaat Groningen met subsidie een relatief kleinschalig, lokaal beschikbaar AI-datacenter huisvesten voor wetenschappers en mkb'ers, met aandacht voor verantwoorde toepassingen. Tegelijkertijd ligt er een voorstel voor een enorme AI-gigafabriek bij Rotterdam die volgens adviesbureau Ecorys enorme hoeveelheden schaarse stroom zou gebruiken — vergelijkbaar met een miljoen huishoudens — terwijl er geen Nederlands bedrijf is dat die capaciteit nodig heeft. Kraan vraagt zich hardop af of zo’n investering wijs is als die vooral buitenlandse giganten zou bevoordelen en de energietransitie bemoeilijkt.
Kortom: AI brengt grote kansen, maar ook serieuze klimaatrisico’s. Volgens Kraan kunnen beleidskeuzes, subsidies en regelgeving ervoor zorgen dat de AI-revolutie efficiënter en duurzamer verloopt, in plaats van simpelweg meer energieverslindende schaal na te jagen.