"Dankzij Vertrouwenscentrum besefte ik dat het niet mijn schuld was": Sara over hulp na misbruik door stiefvader

donderdag, 26 februari 2026 (06:35) - VRT Nieuws

In dit artikel:

Sara* (34) maakte tussen haar tiende en zestiende jaar seksueel en emotioneel misbruik mee door de vriend van haar moeder. Wat begon met cadeautjes en ogenschijnlijke zorg evolueerde snel naar strikte controle (altijd bereikbaar moeten zijn, telefooncontrole, toezicht na school) en langdurig seksueel misbruik. Omdat de grenzen geleidelijk werden overschreden, had Sara moeite om het thuis te benoemen; ze raakte verward over wat haar eigen verantwoordelijkheid was en zweeg, ook tegenover vrienden.

Het misbruik kwam uiteindelijk aan het licht toen haar moeder in Sara’s telefoon belastende berichten ontdekte. De moeder zocht hulp bij de huisarts, die doorverwees naar het Vertrouwenscentrum Kindermishandeling in Brussel. Daar kon Sara snel terecht; ze kreeg direct uitleg, individuele gesprekken en tweewekelijkse vervolgafspraken. De hulpverleners plaatsten haar ervaringen in een bredere context, namen de schuldgevoelens weg en dwongen haar niet om dieper te graven dan zij zelf wilde. Belangrijk voor Sara waren ook de continuïteit van de zorg (steeds dezelfde hulpverlener) en de geïntegreerde aanpak: psychologische begeleiding én opvolging van de dader, inclusief de mededeling aan haar vader en begeleiding van hem. Die aanpak gaf haar stabiliteit en maakte het mogelijk haar leven verder te zetten, al blijft verwerking een lang traject.

Sara koos aanvankelijk bewust om geen klacht in te dienen; ze was 16 en wilde vooral verder. Het Vertrouwenscentrum meldde dat de dader verplicht tot therapie zou kunnen worden gezet en dat bij weigering alsnog een klacht kon volgen. Jaren later overweegt Sara met hulp van een advocaat alsnog een klacht in te dienen; ze vroeg haar dossier op bij het centrum en kon het snel inkijken, wat haar helpt bij een mogelijke juridische stap.

Tegelijk waarschuwt ze dat haar snelle en volledige begeleiding destijds tegenwoordig niet meer vanzelfsprekend is: vertrouwencentra signaleren schaarste aan personeel — ongeveer één hulpverlener per 110 kinderen — waardoor wachttijden oplopen tot weken of maanden. Sara vindt dat schrijnend omdat vroegtijdige interventie volgens onderzoek het risico op latere psychische problemen verkleint.

Praktische informatie: bij acute vragen over geweld of mishandeling kunnen mensen terecht op 1712; voor een luisterend oor is Tele-Onthaal bereikbaar via 106 of tele-onthaal.be. Jongeren kunnen contact opnemen met Awel via 102 of awel.be en met nupraatikerover.be. Sara is een schuilnaam; haar echte naam is bekend bij de redactie.