Daan Buringa (24) speelt de hoofdrol in Joe Speedboot: 'Ik had geen tijd voor mijn dwarslaesie, ik wilde acteren!'
In dit artikel:
Acteur Daan Buringa (24) leeft met het besef dat tijd een schaars goed is. Bij hem is op achtjarige leeftijd Ataxie van Friedreich (FA) vastgesteld, een progressieve spier- en zenuwaandoening die onder meer spraak, loopvermogen en later hart- en suikerfuncties kan aantasten. Op zijn zestiende onderging hij een rugoperatie die misging: die nacht ontwikkelde hij een dwarslaesie en sindsdien gebruikt hij een rolstoel. Ondanks alles bouwde hij een acteercarrière op en studeerde hij als eerste rolstoelgebruiker af aan de Amsterdamse Toneelschool.
Zijn urgentie krijgt concreet gewicht door zijn hoofdrol als Fransje in de verfilming van Tommy Wieringa’s Joe Speedboot. De filmfiguur groeit vanuit een rolstoel uit tot een armpjedrukkampioen, en tijdens opnamewerkzaamheden raakte Buringa zelf verwikkeld in een bijna-sprookje dat niet alleen verbeelding was: na een spontane armpjedrukwedstrijd op de set scheurde zijn eigen arm met een harde knak. Artsen stelden een 16 centimeter lange spiraalbreuk vast; hij werd geopereerd en kreeg plaat en schroeven. Revalidatie was zwaar, maar hij herstelde genoeg om een half jaar later de resterende opnames alsnog te voltooien. Buringa ziet de parallellen tussen zijn leven en dat van Fransje als symbolisch — “ik ben door hetzelfde heengegaan als Fransje” — en noemt het bijna een pr-stunt.
Naast filmwerk maakt hij ook theatervoorstellingen. In Frascati speelde hij “Wat ben ik waard?”, een persoonlijk stuk over zorgkosten, medische ethiek en levensplezier. Buringa gebruikt die voorstelling om de systemische kant van zijn situatie zichtbaar te maken: er bestaat een middel in de VS dat de progressie van FA met ongeveer de helft kan remmen, maar het is niet op de Nederlandse markt én de prijs is extreem hoog (circa 300.000 euro per persoon per jaar). Hij confronteert publiek en beleidsmakers met de vraag wat zijn leven waard is en hoeveel geld de maatschappij eraan wil besteden. Omdat FA zeldzaam is, voelt hij zich vaak een nummer in plaats van een bekende casus voor politici en verzekeraars.
Persoonlijk worstelt Buringa met alledaagse en intieme aspecten van afhankelijkheid. Thuis in zijn appartement in Oost ontvangt hij familie en vertelt vloeiend en soms ironisch over de praktische gevolgen van zijn aandoening: hulp bij wassen, douchen, toiletgang en het regelen van zorgzaken. Hij werkt met een coach (Odette) en vertrouwt op vrienden die hem veel uit handen nemen; tegelijk zoekt hij naar een balans tussen dankbaarheid en autonomie. Liefdesleven en seksualiteit blijven lastige thema’s: hij wil een relatie maar vreest afwijzing vanwege zijn beperking. Hij geniet van techno en het uitgaan, maar voelt zich beperkt in het spontaan daten.
Professioneel formuleert Buringa duidelijke ambities. Hij wil niet voortdurend op het podium of scherm worden gereduceerd tot een zieke of slachtofferrol; hij verlangt naar diversiteit in castings — advocaat, bakker of romantische held — en ziet weinig reden waarom een acteur in een rolstoel niet in gewone, niet-geïndiceerde rollen kan worden gecast. Hij wijst naar het buitenland, vooral Engeland, waar hij meer zichtbaarheid van mensen met een handicap ziet, en hoopt dat Joe Speedboot zijn doorbraak kan worden zodat producenten anders gaan denken.
Zijn stem geeft extra urgentie aan die wens: zijn spraak ging al achteruit en zijn huidige stem omschrijft hij zelf als “schuurpapier”. Omdat veel acteerwerk van stemgebruik afhankelijk is, ervaart hij druk om nu te presteren en kansen te grijpen: “Ik heb best wel haast,” zegt hij, omdat toekomstige beperkingen onzeker zijn en snel kunnen toenemen. Toch blijft hij speels en veerkrachtig op het podium; humor gebruikt hij als afweer en als gereedschap om het publiek op het verkeerde been te zetten en daarna te raken.
Joe Speedboot draait vanaf donderdag 12 maart in de bioscoop. Voor Buringa kan de film zowel artistiek als maatschappelijk iets betekenen: zichtbaarheid voor acteurs met een handicap, de mogelijkheid om breder gecast te worden, en meer aandacht voor de levensvragen rond zorgtoegang en medicijnkosten die zijn bestaan mede bepalen.