D66-minister zet Kamer buitenspel met akkoord over opvang statushouders
In dit artikel:
D66-minister Elanor Boekholt-O’Sullivan heeft met het Rijk, gemeenten, provincies en woningcorporaties een akkoord gesloten over extra woonvormen voor statushouders. De Tweede Kamer kreeg het akkoord op 16 oktober toegestuurd, maar uit een ambtelijke beslisnota blijkt dat de inhoud toen al interdepartementaal was vastgesteld. De minister hoefde alleen nog toestemming te geven om de stukken naar de Kamer te sturen. Omdat het om een bestuurlijk akkoord gaat en niet om wetgeving, was vooraf geen stemming nodig. Het akkoord trad in werking zodra alle partijen hadden ondertekend en loopt tot 1 juli 2028.
Gemeenten en woningcorporaties moeten in de komende drie taakstellingsperioden voor 20 procent van de te huisvesten statushouders aanvullende woonruimte organiseren. Dat gebeurt tegen de achtergrond van een achterstand van ongeveer 8.800 mensen. Begin juli wachtten bovendien circa 12.300 statushouders al langer dan veertien weken op een woning in een COA-locatie. Het akkoord is juridisch niet afdwingbaar, terwijl de Kamer haar bevoegdheden over toekomstige wetten en begrotingen behoudt.
Het document houdt rekening met een mogelijk toekomstig verbod op voorrang voor statushouders bij sociale huur. Als zo’n wet volgens de betrokken partijen onvoldoende uitvoerbaar is of bezwaren van bijvoorbeeld de Raad van State negeert, kan dat een reden zijn om het akkoord met een opzegtermijn van drie maanden te verlaten. Dat is opvallend, omdat Boekholt-O’Sullivan zelf heeft aangekondigd de voorrang te willen afschaffen via een nieuw, uitvoerbaar wetsvoorstel. De Kamer moet daar nog over oordelen.
Een gelijktijdig gepubliceerd adviesrapport pleit juist voor behoud en uitbreiding van de voorrangsregeling. Bij tijdelijke woningen zou volgens de opstellers zelfs dubbele voorrang nodig kunnen zijn: eerst voor tijdelijke huisvesting en daarna opnieuw voor een permanente woning. Het rapport is geen kabinetsbesluit; het is niet duidelijk of de minister de aanbevelingen overneemt.
Ook kan de aanpak in de praktijk verder gaan dan alleen nieuwe woonruimte. Hoewel het kabinet benadrukt dat statushouders niet met andere woningzoekenden zouden concurreren, vermeldt het akkoord dat bij het wegwerken van de achterstand ook bestaande sociale huurwoningen mogen worden ingezet. De financiering omvat subsidies, waaronder een regeling van 11 euro per plek per dag zonder vastgesteld budgetplafond, naast vergoeding van werkelijke overgangs- en exploitatiekosten. De monitoring is volgens het akkoord niet bedoeld als formeel verantwoordingsinstrument. De Kamer krijgt pas directe invloed op de aangekondigde wetswijziging, niet op het al gesloten akkoord.
Vandaag Inside: Johan Derksen reageert verbaasd op kritiek op boekcover met Lale Gül