Cuba is zonnig maar voor fotograaf Pieter Griffioen gaat het om de laag eronder. 'Ik denk dat het dertig jaar later alleen maar slechter geworden is'
In dit artikel:
Fotograaf Pieter Griffioen (76) toont in fotogalerie Lichtzone in Groningen een selectie beelden van Cuba die hij in de tweede helft van de jaren negentig maakte. De expositie heet Gebogen niet gebroken en brengt portretten en straattaferelen van een eiland in economische en politieke spanning — enerzijds zonnig en vriendelijk aan de oppervlakte, anderzijds gedomineerd door schaarste, controle en uitzichtloosheid onder de inwoners. De tentoonstelling is te zien tot 26 april (Oude Kijk in ’t Jatstraat 36, wo-zo 12–17).
Griffioen, afkomstig uit Arnhem, reisde drie keer naar Cuba nadat hij eerder in China, Rusland en diverse Oostbloklanden had gewerkt. Hij koos toen voor Cuba omdat het volgens hem nog onveranderd communistisch was en hij wilde vastleggen hoe het land eruitzag vóór mogelijke ingrepen van de Verenigde Staten. De omstandigheden waren zwaar: hitte en vocht maakten straatfotografie moeilijk, en bewegingsvrijheid werd beperkt door permanente controle. Een anekdote uit Pinar del Río illustreert hoe mensen voortdurend moesten verschijnen bij autoriteiten — een klein, onthutsend voorbeeld van de beperkte persoonlijke vrijheid.
Zijn werk focust op het onderliggende verhaal in gewone scènes: spelende kinderen met stuk piepschuim als speelgoed, een vervallen basketbalveld, dansende stellen bij oude auto’s, en een meisje dat door een autoraam gluurt. Griffioen werkt volgens het principe van het ‘beslissende moment’: hij wacht tot lijnen, blikken en handelingen samenkomen tot een beeld dat verhalen oproept. Respect voor de gefotografeerden staat voorop; wie niet op de foto wil, wordt niet vastgelegd.
Een opvallend werk in de reeks is een muurschildering van jonge Fidel Castro en Che Guevara met de leus Patria o Muerte, die op de voorgrond wordt gekadreerd door een stekelige agave — een beeld dat Griffioen als zijn enige, subtiele statement ziet: strijders voor vrijheid in een prikkelige, onvriendelijke omgeving.
Hoewel de foto’s bijna dertig jaar oud zijn, vermoedt Griffioen dat de situatie weinig verbeterd is; hij denkt dat het er nu “nog net zo uitziet als toen. Of slechter…”, mede door aanhoudende energietekorten en de lange boycot door de VS. De expositie biedt een sobere, menselijke blik op een maatschappij waarin veerkracht hand in hand gaat met beperkingen.