Crackgebruik neemt toe in Amsterdam, net als in andere Europese steden: wat kunnen we leren?

dinsdag, 24 februari 2026 (18:48) - Het Parool

In dit artikel:

In Amsterdam is het gebruik van crack (rookbare cocaïne) de laatste tijd steeds zichtbaarder: in het Oosterpark, Noorderpark, rond Delflandplein en op de kop van de Zeedijk melden omwonenden veel straatdeals, openlijk gebruik en gevoelens van onveiligheid. Een gebruikersbus bij het Oosterpark, bedoeld om overlast te verminderen, blijkt volgens onderzoek juist veel crackgebruikers aan te trekken: circa 90 procent van de bezoekers gebruikt crack, en meldingen van klachten namen toe.

Recent onderzoek van Mainline en het Trimbos-instituut laat zien dat crack bij hoogrisicogebruikers inmiddels de meest gebruikte harddrug is, waar vroeger heroïne domineerde. De verslavingszorg is grotendeels ingericht op opiaten; naar schatting zijn er 28.000 crackgebruikers in Nederland, maar slechts 31 procent van wie uitsluitend crack gebruikt, staat geregistreerd in het landelijke systeem (tegen 61 procent bij opiaatgebruikers). Daardoor sluiten hulp en bereikbaarheid vaak slecht aan.

Dit patroon is niet exclusief voor Amsterdam. Het European Harm Reduction Network (C-EHRN) signaleert vergelijkbare stijgingen in grote steden als Newport, Lissabon, Glasgow en Dublin. Mogelijke oorzaken zijn een verslechterde kwaliteit van heroïne, een toegenomen beschikbaarheid van cocaïne in Europa en de stijging van dakloosheid; crack wordt relatief vaak gebruikt door mensen in armoede, met psychische problemen of zonder vaste woonplek, omdat het in kleine, betaalbare hoeveelheden wordt verkocht.

Crack heeft een stimulerend effect en werkt kort — vaak ongeveer vijftien minuten — wat leidt tot frequent gebruik en meer zichtbaar, soms chaotisch gedrag: onrust, paranoia, impulsiviteit en in sommige gevallen epileptische aanvallen of psychoses. Daardoor vraagt de problematiek andere vormen van zorg en dienstverlening dan bij opiaten.

Steden experimenteren met uiteenlopende harm-reduction-maatregelen. Glasgow opende vorig jaar een gebruikersruimte (vooralsnog voor heroïne) en overweegt een geventileerde rookruimte. Dublin riep in 2024 al de noodklok wegens een enorme stijging van mensen die behandeling zoeken (een stijging van honderden procenten). Barcelona geeft in sommige gebruikersruimtes medicinale kalmering (zoals diazepam) bij hyperactiviteit en heeft genderspecifieke opvang via de organisatie Metzineres, gericht op vrouwen die extra kwetsbaar zijn. Lissabon koppelt gebruikersruimtes aan noodopvang voor daklozen; Hamburg biedt rookruimtes zonder registratie, zodat ook mensen die geen hulp willen toch een veilige plek hebben. In Rome daarentegen is de aanpak minder ontwikkeld: weinig testlocaties en minder politieke bereidheid om faciliterende voorzieningen te ondersteunen.

Amsterdam scoort volgens C-EHRN relatief goed op harm reduction, maar er wordt ook geëxperimenteerd: de gemeente onderzoekt het voorschrijven van amfetamine aan crackgebruikers (om de kick te dempen) en kijkt naar de mogelijkheid van medicinale verstrekking van crack — nog geen grootschalige toepassing in Europa.

Experts waarschuwen dat een puur medische benadering onvoldoende is. Structurele knelpunten zoals het tekort aan woningen en opvang spelen een belangrijke rol bij de toename van crackgebruik. Zonder het aanpakken van huisvesting, armoede en sociale opvang blijft het moeilijk om de zichtbare overlast en de kwetsbaarheid van gebruikers duurzaam te verminderen.