CPB-column legt bloot: overheid verslaafd aan tabaksaccijns en wil niet dat rokers écht stoppen
In dit artikel:
Op de website van het Centraal Planbureau heeft wetenschappelijk medewerker Rik Dillingh een column geplaatst over tabaksaccijns waarin hij twee tegengestelde punten samenbrengt: accijnzen ontmoedigen roken en brengen jaarlijks ruim 2,6 miljard euro in het laatje, maar het systeem is ook regressief en maakt de staat afhankelijk van inkomsten uit verslavingen. Dillingh trekt daarbij een parallell met andere “zondebelastingen” zoals verkeersboetes en gokken (voorbeeld: Washington D.C.), en suggereert dat een volledig inzetten op een rookvrije generatie budgettaire gevolgen heeft als mensen massaal stoppen; met andere woorden: je kunt niet tegelijk sterk streven naar minder rokers en blijven rekenen op die miljardeninkomsten. Hij noemt ook als praktisch detail dat 1 februari een redelijke datum is om te stoppen met roken.
De auteur van het gepresenteerde opiniestuk reageert scherp: het CPB zou zijn tijd beter kunnen besteden aan voorstellen om kosten te besparen, de overheid efficiënter te maken of lasten te verlagen, in plaats van te filosoferen over fiscale paradoxen. De kritiek richt zich op de prioritering binnen de ambtenarij en op het morele dilemma dat de staat deels financieel afhankelijk is van ongezonde of asociale gewoontes, terwijl burgers onder hoge lasten en wachtlijsten lijden.
Kort gezegd: de column brengt een reëel beleidsdilemma in kaart — volksgezondheid versus belastingopbrengst — maar roept ook vragen op over de rol en focus van publieke onderzoekers en beleidsmakers in tijden van economische en sociale druk.