Corporatie mocht de huur zelf elk jaar verhogen, rechter noemt dat oneerlijk: huurders terug naar de huur van 2016
In dit artikel:
Twee huurders van woningcorporatie Hef Wonen hoeven mogelijk geen huurverhogingen sinds 2016 te betalen. De Rotterdamse kantonrechter oordeelde op 4 september, in een uitspraak die op 29 september werd gepubliceerd, dat de verhogingsbepaling in hun huurcontract oneerlijk is. Het ging om een vrije-sectorcontract uit april 2016 waarin stond dat Hef Wonen de huur jaarlijks mocht verhogen met een zelf te bepalen percentage, zonder maximum of vaste berekeningsmethode.
Volgens de rechter konden huurders bij het sluiten van het contract daardoor niet inschatten hoe hoog hun huur in de toekomst zou worden. De bepaling is volledig vernietigd. Daardoor geldt voor deze huurders voorlopig nog de kale huurprijs uit 2016 en vervallen de sindsdien doorgevoerde verhogingen. Hef Wonen moet eerst inzicht geven in alle berekende kale huren en servicekosten, zodat kan worden vastgesteld of er daadwerkelijk een huurachterstand is. Ook de opgevoerde incassokosten zijn voorlopig als oneerlijk aangemerkt. Over de achterstand, ontbinding van het contract en kosten volgt later een beslissing.
De uitspraak wijkt af van een eerder oordeel van het gerechtshof Den Haag, dat hetzelfde beding in een andere zaak wél geldig vond. Kantonrechters zijn niet aan dat oordeel gebonden; totdat de Hoge Raad duidelijkheid geeft, kunnen vergelijkbare zaken verschillend uitpakken.
Huurders met een vergelijkbaar contract wordt aangeraden het beding te laten beoordelen en niet zelfstandig te stoppen met betalen. Sinds 2021 geldt voor de vrije sector een wettelijk maximum; van 1 juli 2026 tot 1 juli 2027 bedraagt dat 4,4 procent.
Vandaag Inside: Johan Derksen laat zich uit over Netflix-show Love is Blind met Nicolette van Dam en Bas Smit