Contactverbod oud-bondscoach rolstoelbasketbalsters na grensoverschrijdend gedrag
In dit artikel:
Gertjan van der Linden, de voormalige bondscoach van de succesvolle Nederlandse rolstoelbasketbalsters, is door het Instituut Sportrechtspraak (ISR) voor vijf jaar verboden contact te hebben met zeven speelsters die melding deden van grensoverschrijdend gedrag. De maatregel verplicht hem ook locaties en situaties te vermijden waar deze sporters aanwezig kunnen zijn; het ISR zegt daarmee het gevoel van veiligheid van de betrokkenen te willen herstellen.
Eind 2024 deden veertien speelsters in totaal aangifte bij het Centrum Veilige Sport Nederland (CVSN) van jarenlang (seksueel) grensoverschrijdend gedrag, manipulatie en intimidatie door Van der Linden. Naar aanleiding daarvan liet de Nederlandse Basketball Bond (NBB) een onafhankelijk onderzoek uitvoeren en trof meteen een ordemaatregel die hem per direct uit het Nederlandse basketbal verwijderde. Op juridische gronden heeft het ISR uiteindelijk zeven van de meldingen bewezen verklaard. De NBB heeft inmiddels het bondslidmaatschap van Van der Linden opgezegd; daarmee kan hij geen rol meer vervullen binnen het Nederlandse basketbal. De bond noemt geen namen uit privacyoverwegingen.
Onder leiding van Van der Linden behaalde Oranje sinds 2012 grote successen: twee paralympische titels, twee wereldtitels en vijf Europese titels. Tegelijkertijd zouden speelsters talloze seksueel getinte appjes van hem hebben ontvangen, soms gekoppeld aan mogelijke consequenties voor hun topsportloopbaan — gedrag dat teruggaat tot vóór de Paralympische Spelen in Tokio (2021).
Van der Linden, die momenteel bondscoach is van de Italiaanse rolstoelmannen, zegt tegen de NOS "geen commentaar" te hebben op de maatregelen. Het is nog onduidelijk of de internationale rolstoelbasketbalfederatie (IWBF) verdere stappen zal ondernemen.
De NBB erkent dat eerdere signalen niet voldoende zijn opgepakt en zegt te willen leren van de zaak. Algemeen directeur Maarten Hoffer benadrukt het belang van melden en voegt toe dat de bond zijn veiligheidsbeleid heeft aangescherpt met gedragscodes, meer vertrouwenspersonen en inzet van psychologen; een opvolgingscommissie moet de uitvoering van deze maatregelen bewaken.