'Colombiaanse huurlingen medeverantwoordelijk voor bloedbad Al-Fasher'
In dit artikel:
In Al-Fasher — de Noord-Sudanese stad die in oktober vorig jaar viel — werden in drie dagen tijd naar schatting 6.000 mensen gedood en vonden grootschalige moordpartijen, verkrachtingen, foltering en plunderingen plaats. Volgens de Amerikaanse Conflict Insights Group (CIG) droegen Colombiaanse huurlingen wezenlijk bij aan de inname van de stad; zij concludeert dit op basis van telefoniedata van meer dan vijftig Colombianen, gecombineerd met videobeelden, satellietbeelden, vluchtgegevens en ander open source-onderzoek. Die gegevens tonen aan dat telefoons van huurlingen tussen juni en december 2025 van Colombia via de Verenigde Arabische Emiraten (Zayed, Abu Dhabi) en Libië naar Sudan reisden.
CIG stelt dat de huurlingen door de VAE betaald zouden zijn om aan de kant van de rebellenmacht Rapid Support Forces (RSF) te vechten. De UAE zou de RSF ondersteunen met wapens, voertuigen en strijders en ontvangt daarvoor onder meer goud uit Sudan; de VAE zelf ontkent betrokkenheid. CIG noemt het onderzoeksresultaat doorslaggevend en zegt nu met zekerheid betrokkenheid van de VAE te kunnen aantonen.
Al-Fasher’s val ging vooraf aan drie dagen van systematisch geweld, waarbij met name niet-Arabische bevolkingsgroepen zwaar werden getroffen. Een VN-expertengroep concludeerde dat het geweld tekenen van genocide vertoont. Eerder haalde het Sudanese leger in augustus al video’s aan van Colombiaanse huurlingen die militair zouden trainen; staatsmedia meldden toen ook dat een vliegtuig met Colombiaanse huurlingen was neergehaald, waarbij volgens hen circa veertig doden vielen.
Er is bovendien bewijs dat Colombianen betrokken waren bij het trainen van kindsoldaten. Een voormalige huurling verklaarde aan de Colombiaanse site La Silla Vacía dat in trainingskampen veel jonge jongens — soms van rond de 10–12 jaar — werden klaargestoomd, iets wat onder internationaal recht een oorlogsmisdaad is. Colombia heeft internationale verdragen ondertekend die het inzetten en rekruteren van huurlingen verbieden.
De bevindingen vallen samen met een humanitaire catastrofe in Sudan: ruim drie jaar oorlog, stijgende voedselprijzen, en volgens de VN ongeveer 14 miljoen ontheemden. Internationale aandacht is recent afgenomen door crises elders in de regio, waardoor de oorlog in Sudan vaak als een verwaarloosd conflict wordt gezien ondanks meldingen van massaal geweld, hongersnood en gerichte aanvallen op hulpinfrastructuur.