CIA overwoog gebruik van vaccins voor geheime gedragsbeïnvloeding
In dit artikel:
Recent vrijgegeven CIA‑documenten laten zien dat de Amerikaanse inlichtingendienst in de vroege Koude Oorlog (Project Artichoke, 1951–1956) serieus onderzocht of medische handelingen — zoals injecties en vaccinaties — konden dienen om mensen heimelijk te beïnvloeden. De zeven pagina’s tellende nota, nu in de CIA‑archieven en opnieuw verspreid via sociale media, beschrijft diverse manieren om chemische stoffen ongemerkt toe te dienen: via voedsel, drank, sigaretten, maar expliciet ook via medische procedures die door het publiek als normaal worden gezien.
Onderzoekers onderscheidden middelen met directe werking (bijv. zogenaamde waarheidsserums voor verhoren) van stoffen bedoeld voor langdurige psychologische veranderingen: het opwekken van angst, nervositeit of juist apathie en hopeloosheid om gedrag op langere termijn te sturen. Belangrijk was dat toediening geen argwaan wekte; daarom werden vaccins en injecties als ideaal genoemd: ze geven legitimiteit en directe toegang tot het lichaam. De CIA adviseerde ook samenwerking met de militaire chemische dienst en onderzocht combinaties met hypnose, sensorische deprivatie, gassen en zuurstoftekort.
Veel van de proefpersonen waren kwetsbare groepen — gevangenen, militairen en psychiatrische patiënten — en vaak ontbrak geïnformeerde toestemming. Grote delen van de dossiervoorraad werden in 1973 vernietigd, waardoor het volledige bereik van deze experimenten onduidelijk blijft. De onthullingen roepen opnieuw ethische vragen op over Cold War‑experimenten en staatsgefinancierd onderzoek naar gedragsbeïnvloeding.