China als de grote nieuwe kracht die stabiliteit voor de wereld brengt?

woensdag, 15 april 2026 (11:46) - De Groene Amsterdammer

In dit artikel:

China presenteert zich steeds vaker als het stabiele, verstandige alternatief nu het buitenlandbeleid van de VS onder Trump als chaotisch wordt gezien. Die verschuiving speelt zich af in 2026 temidden van wereldwijde spanningen — onder meer het conflict tussen de VS, Israël en Iran — waarin Beijing zich terughoudend opstelt en achter de schermen bemiddelt in plaats van openlijk partij te kiezen. Binnenlands en internationaal zet China echter een eigen, afgebakend begrip van stabiliteit neer: niet als springplank naar vrijheid en rechten, maar als einddoel dat orde en controle rechtvaardigt.

Waar westerse opvattingen stabiliteit vaak zien als minimale voorwaarde om daarna mensenrechten, democratie en persvrijheid te bevorderen, gebruikt China stabiliteit primair als veiligheidsinstrument. Intern vertaalt dat zich in grootschalige surveillance en strikte staatscontrole, met het doel oppositie en onrust te onderdrukken. Dat model exporteert China ook: projecten zoals het Safe City-netwerk in Suriname — met zo’n 650 bewakingscamera’s op honderd strategische locaties — illustreren hoe technologische controle als universeel veiligheidsmiddel wordt aangeboden.

In diplomatieke zin gaat Beijing uit van staatssoevereiniteit en non-interventie: landen horen zich niet te mengen in elkaars binnenlandse aangelegenheden en handelen vooral vanuit eigenbelang en economische transacties. Deze insteek verklaart ook waarom China geen kritiek formuleerde toen de Iraanse regering hard optrad tegen binnenlandse protesten; de Chinese regering riep vooral op tot het behoud van nationale stabiliteit en wees buitenlandse inmenging af.

De keerzijde van deze koers is significant: als stabiliteit de bovengrens wordt, komen mensenrechten en internationale verantwoording onder druk te staan. Het model biedt weinig ruimte om staten aan te spreken op repressie of oorlogsmisdaden en legitimeert ondergeschiktheid van burgers aan staatsmacht. Daarmee rijst de vraag of de wereld een orde wil waarin orde zelf de hoogste waarde is, of een systeem waarin veiligheid eerst dient als basis voor bredere vrijheden en rechtsbescherming.