CDA en VVD hadden samen de meeste integriteits­affaires, blijkt uit nieuwste index

maandag, 16 maart 2026 (06:08) - Follow the Money

In dit artikel:

In 2025 registreerde de Politieke Integriteitsindex (PII) 49 integriteitsaffaires in Nederland. VVD en CDA stonden met elk zeven zaken bovenaan, gevolgd door BBB (vier) en PVV (drie). Hoewel het totaal niet ver afweek van het langjarige gemiddelde (ongeveer 54 affaires per jaar sinds 2013), viel 2025 op door het relatief grote aantal zaken met (mogelijke) strafrechtelijke consequenties: zestien affaires betroffen strafbare feiten.

Een van de meest spraakmakende incidenten speelde zich in maart 2025 af bij een Extinction Rebellion-demonstratie in Haarlem. PVV-Statenlid Ronald van Tiggelen reed met zijn auto door een spandoek en raakte klimaatactivist Trees Lammers, die gewond naar het ziekenhuis moest. Aanvankelijk weigerde hij excuses te maken; na druk van de commissaris van de Koning bood hij later spijt aan. Het Openbaar Ministerie vervolgde hem voor onder meer poging tot zware mishandeling, doorrijden na een ongeval en gevaarlijk rijgedrag.

De meeste integriteitskwesties doen zich lokaal voor: 37 van de 49 gevallen in 2025 speelden bij gemeenten. Dat weerspiegelt deels de samenstelling van het politieke veld — van de ruim 11.000 Nederlandse politici werkt het merendeel (circa 10.250) op gemeentelijk niveau — maar ook specifieke risico’s van lokaal bestuur. Kleine schaal en veel bestuurlijke overlap vergroten de kans op belangenverstrengeling en dubbelrollen. Voorbeelden: een wethouder (Jos Last) die als penningmeester van zijn eigen lokale partij bleef staan en daarmee declaraties moest controleren; een raadslid (Arjen Dieperink) dat tegelijk stukken schreef voor de lokale huis-aan-huiskrant; en een boete voor omroep Ongehoord Nederland wegens de dubbele rol van een presentator die ook gemeenteraadslid was, plus een apart boetebesluit over vermeende nepotismepraktijken.

Bij een analyse van gemeentepolitiek over de afgelopen vier jaar kwamen 170 affaires in 108 gemeenten naar voren — bijna een derde van alle gemeenten kreeg in die periode met een integriteitszaak te maken. Lokale partijen stonden daarbij met 71 zaken bovenaan, gevolgd door CDA (29) en VVD (21). Categorieën met de meeste meldingen waren privéwangedrag (40 gevallen, denk aan dronkenschap of fraude in de privésfeer), onverenigbare functies en bindingen (39) en ongewenste omgangsvormen (36). Opvallend: zaken rond verspilling of wanprestatie ontbraken vorig jaar vrijwel.

De lijst van individuele straf- en integriteitszaken is gevarieerd. Naast Van Tiggelen behoorden tot de strafrechtelijk belaste of onderzochte politici onder meer:
- Anja Keuter (BBB): taakstraf van 55 uur wegens het uitlenen van een kotter voor verboden palingvangst;
- Levin de Koster (CDA, wethouder): rijden onder invloed met ernstige schade, leidde tot aftreden en een taakstraf van 60 uur;
- Roelf Raterink (PvdA): meerdere keren zonder geldig rijbewijs betrapt, waardoor ook zijn jachtakte introk en hij uit de fractie werd gezet;
- Ruben Schilt (PvdA): schikking van €750 voor het lekken van informatie;
- Voormalig burgemeester Koen Schuiling: veroordeeld voor openbare schennis van de eerbaarheid; hij is in hoger beroep gegaan;
- Voormalig CDA-wethouder Edwin van Schipstal: kreeg een schikking voor omvangrijke subsidie- en factuurfraude uit 2015, met strafrechtelijke nasleep en terugbetaling.

Daarnaast waren er veel zaken van beroeps- en gedragsethiek: Kamerleden die nevenfuncties niet of onvolledig hadden geregistreerd (Follow the Money vond elf gevallen), en fracties die weerstand boden tegen navraag — vooral FvD-leden werden genoemd vanwege principiële weigering netjes te rapporteren. Manipulatie en verspreiding van desinformatie namen toe: PVV-figuren gebruikten met AI gemaakte beelden om politieke tegenstanders te belasteren; lokale bestuurders plaatsten nepposten op sociale media en werden daarop aangesproken of gedwongen af te treden.

Ongewenste omgangsvormen en een ‘onveilige’ interne cultuur leidden geregeld tot opgestapte wethouders of burgemeesters, maar veel van die dossiers bevatten vaag geformuleerde ‘signalen’ en interne rapporten, waardoor burgers vaak niet te weten komen welke concrete feiten aanleiding waren voor vertrek. Dat gebrek aan transparantie ondermijnt het politieke vertrouwen.

De uitkomst van de PII is soberder dan hoopgevend: het patroon van de afgelopen jaren blijft stabiel — niet substantieel beter, maar ook niet veel slechter. Het regelmatige voorkomen van affaires, het aanhoudende aantal strafzaken en het terugkerende probleem van onvolledige nevenfunctiedeclaraties onderstrepen volgens de onderzoekers de noodzaak van betere selectie en screening van kandidaten, strengere handhaving van transparantieregels en meer inzicht voor burgers in de reden van bestuurlijke vertrekzaken.